Per 1 januari 2026 krijgen zelfstandigen zonder personeel opnieuw te maken met een breed pakket aan nieuwe wetten en aangepaste regels. Sommige veranderingen zijn direct voelbaar voor de ZZP 2026 in de portemonnee, zoals de verdere afbouw van fiscale voordelen en hogere lasten op mobiliteit. Andere wijzigingen hebben vooral gevolgen voor de dagelijkse praktijk, bijvoorbeeld door strengere digitale verplichtingen en nieuwe regels rond betalingen en energiegebruik.

De rode draad in het overheidsbeleid is duidelijk: meer transparantie, strengere handhaving en een verdere gelijkstelling van zelfstandigen en werknemers. Voor zzp’ers betekent dit dat bestaande fiscale voordelen verder onder druk staan, terwijl de administratieve verantwoordelijkheden juist toenemen. Tegelijkertijd blijven er overgangsregelingen en tijdelijke voordelen bestaan, waardoor het effect per ondernemer sterk kan verschillen.

In dit artikel op juristenblog.nl gaan we verder in op alle nieuwe wijzigingen voor zzp’ers. Liever snel antwoord? Lees dan de FAQ onderaan het artikel!

Fiscale wijzigingen raken direct de winst van zzp’ers

Op het gebied van belastingen verandert er in 2026 opnieuw veel voor zzp’ers. De inkomstenbelasting in box 1 is aangepast, waarbij zowel de tarieven als de inkomensgrenzen zijn gewijzigd. Het tarief in de eerste schijf is iets verlaagd, terwijl de tweede schijf een lichte stijging laat zien. Tegelijkertijd zijn de grensbedragen verhoogd, waardoor inkomens later in een hogere schijf terechtkomen. Afhankelijk van de hoogte van het inkomen kan dit gunstig of juist nadelig uitpakken.

Voor zzp’ers met een AOW-uitkering blijven aparte tarieven gelden. Zij vallen onder een apart belastingregime dat rekening houdt met hun inkomenspositie. Voor werkende AOW’ers verandert er op dit punt dus minder dan voor andere zelfstandigen.

Een belangrijke en al langer ingezette maatregel is de verdere afbouw van de zelfstandigenaftrek. In 2026 bedraagt deze aftrek nog slechts 1.200 euro. In eerdere jaren lag dit bedrag aanzienlijk hoger. Hoewel het urencriterium van 1.225 uur per jaar ongewijzigd blijft, neemt het fiscale voordeel voor zzp’ers hiermee verder af. De overheid zet deze afbouw bewust door om het verschil in belastingdruk tussen werknemers en zelfstandigen te verkleinen.

Btw, vastgoed en watergebruik: indirecte fiscale gevolgen

Op andere fiscale terreinen zijn wijzigingen doorgevoerd die zzp’ers raken. Zo is het btw-tarief op overnachtingen verhoogd naar 21 procent. Deze verhoging geldt voor hotels, vakantiehuizen en andere vormen van logies, ook als de overnachting al eerder is geboekt maar in 2026 plaatsvindt. Voor zzp’ers in de toeristische sector kan dit leiden tot hogere prijzen en mogelijk een afname van de vraag. Voor kamperen blijft het verlaagde tarief van 9 procent gelden.

Daarnaast is de overdrachtsbelasting voor woningen die worden gekocht als belegging of voor verhuur verlaagd van 10,4 procent naar 8 procent. Deze maatregel kan interessant zijn voor zzp’ers die investeren in vastgoed als aanvullende inkomstenbron. De overheid hoopt hiermee investeringen in huurwoningen en nieuwbouw te stimuleren. Ook het gebruik van leidingwater wordt zwaarder belast. In 2026 geldt de belasting tot een verbruik van 50.000 kubieke meter per jaar. Vanaf 2027 vervalt deze grens en wordt al het gebruikte leidingwater belast. Voor zzp’ers met een water intensieve bedrijfsvoering kan dit leiden tot hogere structurele kosten.

Mobiliteit blijft een belangrijk kostenpunt voor zelfstandigen

Voor veel zzp’ers is mobiliteit essentieel. Klanten bezoeken, materialen vervoeren of dagelijks reizen maakt de auto voor velen onmisbaar. Juist op dit punt veranderen de regels in 2026 aanzienlijk.

Het kwarttarief voor de motorrijtuigenbelasting is afgeschaft. Elektrische personenauto’s betalen nu 70 of 75 procent van het tarief dat geldt voor benzineauto’s. Kampeerauto’s betalen voortaan de helft van het reguliere bedrag. Andere uitstootvrije voertuigen verliezen hun belastingvoordeel volledig. Voor zzp’ers betekent dit hogere vaste lasten, ook bij duurzaam vervoer.

Tegelijkertijd blijft de overheid elektrisch rijden voorlopig stimuleren. Elektrische en waterstofauto’s behouden tot en met 2028 een korting van 30 procent op de motorrijtuigenbelasting. In 2029 wordt deze korting verlaagd naar 25 procent en vanaf 2030 vervalt het voordeel volledig. Voor zzp’ers die overwegen om elektrisch te gaan rijden, blijft er dus nog een tijdelijke stimulans bestaan.

Brandstofkosten en aanschaf van voertuigen

Naast de motorrijtuigenbelasting zijn ook de kosten bij aanschaf van voertuigen gestegen. De bpm-tarieven zijn verhoogd, vooral voor voertuigen met een hogere CO₂-uitstoot. Brandstofauto’s worden hierdoor duurder, terwijl schonere voertuigen relatief aantrekkelijker blijven. De overheid verhoogt deze tarieven stapsgewijs tot 2028 om de uitstoot van het wagenpark terug te dringen.

Een beperkte verlichting komt van de verlengde accijnskorting op benzine, diesel en lpg. Deze korting blijft ook in 2026 van kracht en is verlengd tot begin 2027. Hoewel de korting iets lager is dan in eerdere jaren, blijven de brandstofprijzen lager dan zonder deze maatregel. Voor zzp’ers die veel kilometers maken, blijft dit een belangrijk kostenvoordeel.

Digitalisering wordt de norm in contact met de overheid

Digitalisering speelt in 2026 een steeds grotere rol in de relatie tussen ondernemers en de overheid. Voor zzp’ers betekent dit dat administratieve processen voortaan digitaal moeten worden ingericht.

Een belangrijk voorbeeld is de btw-teruggave voor klanten buiten de Europese Unie. Winkeliers die verkopen aan niet-EU-klanten moeten deze teruggave voortaan volledig digitaal afhandelen. Papieren formulieren en douanestempels zijn niet langer toegestaan. Aankopen worden digitaal geregistreerd bij de douane en klanten vragen de btw digitaal terug. Voor zzp’ers in de detailhandel vraagt dit om aanpassing van kassasystemen en administratie.

Daarnaast mogen ondernemers officiële zaken digitaal afhandelen met gemeenten, provincies en waterschappen. Digitale communicatie heeft daarbij dezelfde rechtsgeldigheid als papieren post. Hoewel papieren communicatie in veel gevallen mogelijk blijft, wordt digitale communicatie steeds vaker de standaard.

Arbeidsmarktontwikkelingen en indirecte effecten

Hoewel zzp’ers formeel niet onder het wettelijk minimumuurloon vallen, heeft de verhoging van het wettelijk minimumuurloon naar 14,71 euro indirecte gevolgen. Hogere loonkosten bij opdrachtgevers kunnen doorwerken in tarieven, vooral in sectoren waar zelfstandigen en werknemers naast elkaar actief zijn. Ook andere arbeidsmarktmaatregelen zijn relevant. Zo is het  loonkostenvoordeel voor oudere werknemers beëindigd voor nieuwe dienstverbanden. Voor bestaande dienstverbanden blijft het voordeel bestaan. Dit laat zien dat de overheid haar beleid steeds meer richt op duurzame inzetbaarheid in plaats van leeftijdsgebonden voordelen.

Daarnaast blijft de regeling voor vervroegde uittreding bestaan voor werknemers met zwaar werk. Werkgevers mogen tot aan de pensioenleeftijd een uitkering verstrekken, waarbij over de eerste 2.573 euro per maand geen belasting hoeft te worden betaald. Voor zzp’ers is dit vooral relevant in sectoren waar zij concurreren met werknemers die gebruikmaken van deze regeling.

ZZP 2026 overige wijzigingen: betalen, energie en sectorspecifieke regels

Naast belastingen, mobiliteit en digitalisering zijn er ook andere wijzigingen die voor zzp’ers relevant zijn. Sinds 1 januari 2026 zijn contante betalingen boven 3.000 euro verboden. Betalingen moeten voortaan via pin of bankoverschrijving plaatsvinden. Voor zzp’ers betekent dit dat contante transacties vrijwel volledig verdwijnen en dat duidelijke betalingsafspraken noodzakelijk zijn.

Op het gebied van energiegebruik geldt een nieuwe verplichting voor eigenaren van grote bedrijfspanden. Zij moeten gebruikmaken van GACS-software om het energieverbruik te monitoren en te optimaliseren. Deze verplichting geldt voor installaties boven 290 kW en wordt vanaf 2030 uitgebreid naar kleinere installaties. Dit kan leiden tot extra investeringen, maar biedt ook inzicht in mogelijke energiebesparingen.

Daarnaast zijn er sectorale maatregelen, zoals de beperking van het aantal kinderen in een  BSO-bus tot maximaal acht. Deze regel is vooral relevant voor zzp’ers in de kinderopvang en het personenvervoer en is bedoeld om de veiligheid te vergroten.

Overzicht wijzigingen ZZP 2026

Voor een duidelijk overzicht plaatsen we alle wijzigingen nog eens hieronder in een overzicht:

Onderwerp Belangrijkste wijziging in 2026 Gevolg voor zzp’ers
Algemeen beleid Meer transparantie, strengere handhaving en verdere gelijkstelling met werknemers. Minder fiscale voordelen en meer administratieve verplichtingen.
Inkomstenbelasting Aangepaste tarieven en inkomensgrenzen in box 1. Afhankelijk van het inkomen kan dit gunstig of ongunstig uitpakken.
Zelfstandigenaftrek Verder verlaagd tot € 1.200; urencriterium blijft gelijk. Structureel lager fiscaal voordeel voor zelfstandigen.
Btw & vastgoed Btw op overnachtingen naar 21%; overdrachtsbelasting beleggingen verlaagd naar 8%. Hogere kosten in toerisme, aantrekkelijker investeren in vastgoed.
Watergebruik Belasting tot 50.000 m³; vanaf 2027 volledige belasting. Hogere structurele lasten bij waterintensieve bedrijfsvoering.
Mobiliteit Afschaffing kwarttarief MRB; hogere lasten voor (elektrische) voertuigen. Stijgende vaste autokosten, ook bij duurzaam vervoer.
Elektrisch rijden 30% MRB-korting tot 2028, daarna afbouw. Tijdelijke stimulans blijft, maar voordeel is eindig.
Brandstof & bpm Hogere bpm bij CO₂-uitstoot; accijnskorting verlengd tot 2027. Duurdere aanschaf, maar lagere brandstofkosten op korte termijn.
Digitalisering Verplichte digitale btw-teruggave en digitale communicatie met overheden. Aanpassing van systemen en administratie noodzakelijk.
Arbeidsmarkt Minimumuurloon verhoogd; loonkostenvoordeel ouderen afgeschaft. Indirecte druk op tarieven en concurrentiepositie.
Betalingen Contante betalingen boven € 3.000 verboden. Volledig overstappen op digitale betaalmethoden.
Energie & sectoren Verplichte GACS-software en sectorspecifieke veiligheidsregels. Extra investeringen, maar meer inzicht en veiligheid.

Conclusie: vooruitkijken blijft essentieel voor zzp’ers

De wetswijzigingen per 1 januari 2026 maken duidelijk dat de speelruimte voor zzp’ers verder verandert. Fiscale voordelen worden stap voor stap afgebouwd, terwijl digitalisering en naleving van regels steeds belangrijker worden. Tegelijkertijd blijven er tijdelijke voordelen bestaan, bijvoorbeeld op het gebied van mobiliteit, waardoor het effect per ondernemer kan verschillen.

Voor zzp’ers is het daarom essentieel om tijdig inzicht te krijgen in de gevolgen van deze veranderingen voor de eigen situatie. Door vooruit te kijken, kosten en risico’s in kaart te brengen en waar nodig de bedrijfsvoering aan te passen, kunnen zelfstandigen beter inspelen op de nieuwe realiteit. Een goede voorbereiding voorkomt verrassingen en draagt bij aan duurzaam ondernemerschap.

FAQ – zzp en wetgeving in 2026

1. Wat verandert er fiscaal voor zzp’ers in 2026?
In 2026 worden de belastingtarieven en inkomensgrenzen in box 1 aangepast en wordt de zelfstandigenaftrek verder verlaagd naar 1.200 euro. Hierdoor neemt het fiscale voordeel voor veel zzp’ers af. Het uiteindelijke effect verschilt per inkomensniveau.

2. Wordt ondernemen als zzp’er in 2026 duurder?
Voor veel zelfstandigen stijgen de kosten door hogere lasten op mobiliteit, energie en watergebruik. Tegelijk blijven er tijdelijke voordelen bestaan, zoals accijnskorting op brandstof en korting op de motorrijtuigenbelasting voor elektrische auto’s. Per onderneming kan de kostenontwikkeling daarom sterk verschillen.

3. Wat betekenen de digitaliseringsregels voor zzp’ers?
Administratieve processen, zoals btw-teruggave voor niet-EU-klanten en communicatie met overheden, moeten steeds vaker volledig digitaal verlopen. Papieren formulieren worden in veel gevallen afgeschaft. Dit vraagt om aanpassing van systemen en een meer digitale bedrijfsvoering.

4. Mag ik in 2026 nog contant betaald worden als zzp’er?
Contante betalingen boven de 3.000 euro zijn sinds 1 januari 2026 verboden. Betalingen moeten via pin of bankoverschrijving verlopen. Voor zzp’ers betekent dit dat duidelijke, digitale betaalafspraken noodzakelijk zijn.

5. Hoe kunnen zzp’ers zich het beste voorbereiden op 2026?
Het is belangrijk om tijdig inzicht te krijgen in de financiële en administratieve gevolgen van de nieuwe regels. Door kosten, tarieven en investeringen opnieuw te bekijken, kunnen zzp’ers beter inspelen op de veranderingen. Goede voorbereiding voorkomt verrassingen en vergroot de continuïteit van de onderneming.

Geschreven door
Cedrick Verleg, LL.B.
Jurist bij XY Legal Solutions

Per 1 januari 2026 krijgen zelfstandigen zonder personeel opnieuw te maken met een breed pakket aan nieuwe wetten en aangepaste regels. Sommige veranderingen zijn direct voelbaar voor de ZZP 2026 in de portemonnee, zoals de verdere afbouw van fiscale voordelen en hogere lasten op mobiliteit. Andere wijzigingen hebben vooral gevolgen voor de dagelijkse praktijk, bijvoorbeeld door strengere digitale verplichtingen en nieuwe regels rond betalingen en energiegebruik.

De rode draad in het overheidsbeleid is duidelijk: meer transparantie, strengere handhaving en een verdere gelijkstelling van zelfstandigen en werknemers. Voor zzp’ers betekent dit dat bestaande fiscale voordelen verder onder druk staan, terwijl de administratieve verantwoordelijkheden juist toenemen. Tegelijkertijd blijven er overgangsregelingen en tijdelijke voordelen bestaan, waardoor het effect per ondernemer sterk kan verschillen.

In dit artikel op juristenblog.nl gaan we verder in op alle nieuwe wijzigingen voor zzp’ers. Liever snel antwoord? Lees dan de FAQ onderaan het artikel!

Fiscale wijzigingen raken direct de winst van zzp’ers

Op het gebied van belastingen verandert er in 2026 opnieuw veel voor zzp’ers. De inkomstenbelasting in box 1 is aangepast, waarbij zowel de tarieven als de inkomensgrenzen zijn gewijzigd. Het tarief in de eerste schijf is iets verlaagd, terwijl de tweede schijf een lichte stijging laat zien. Tegelijkertijd zijn de grensbedragen verhoogd, waardoor inkomens later in een hogere schijf terechtkomen. Afhankelijk van de hoogte van het inkomen kan dit gunstig of juist nadelig uitpakken.

Voor zzp’ers met een AOW-uitkering blijven aparte tarieven gelden. Zij vallen onder een apart belastingregime dat rekening houdt met hun inkomenspositie. Voor werkende AOW’ers verandert er op dit punt dus minder dan voor andere zelfstandigen.

Een belangrijke en al langer ingezette maatregel is de verdere afbouw van de zelfstandigenaftrek. In 2026 bedraagt deze aftrek nog slechts 1.200 euro. In eerdere jaren lag dit bedrag aanzienlijk hoger. Hoewel het urencriterium van 1.225 uur per jaar ongewijzigd blijft, neemt het fiscale voordeel voor zzp’ers hiermee verder af. De overheid zet deze afbouw bewust door om het verschil in belastingdruk tussen werknemers en zelfstandigen te verkleinen.

Btw, vastgoed en watergebruik: indirecte fiscale gevolgen

Op andere fiscale terreinen zijn wijzigingen doorgevoerd die zzp’ers raken. Zo is het btw-tarief op overnachtingen verhoogd naar 21 procent. Deze verhoging geldt voor hotels, vakantiehuizen en andere vormen van logies, ook als de overnachting al eerder is geboekt maar in 2026 plaatsvindt. Voor zzp’ers in de toeristische sector kan dit leiden tot hogere prijzen en mogelijk een afname van de vraag. Voor kamperen blijft het verlaagde tarief van 9 procent gelden.

Daarnaast is de overdrachtsbelasting voor woningen die worden gekocht als belegging of voor verhuur verlaagd van 10,4 procent naar 8 procent. Deze maatregel kan interessant zijn voor zzp’ers die investeren in vastgoed als aanvullende inkomstenbron. De overheid hoopt hiermee investeringen in huurwoningen en nieuwbouw te stimuleren. Ook het gebruik van leidingwater wordt zwaarder belast. In 2026 geldt de belasting tot een verbruik van 50.000 kubieke meter per jaar. Vanaf 2027 vervalt deze grens en wordt al het gebruikte leidingwater belast. Voor zzp’ers met een water intensieve bedrijfsvoering kan dit leiden tot hogere structurele kosten.

Mobiliteit blijft een belangrijk kostenpunt voor zelfstandigen

Voor veel zzp’ers is mobiliteit essentieel. Klanten bezoeken, materialen vervoeren of dagelijks reizen maakt de auto voor velen onmisbaar. Juist op dit punt veranderen de regels in 2026 aanzienlijk.

Het kwarttarief voor de motorrijtuigenbelasting is afgeschaft. Elektrische personenauto’s betalen nu 70 of 75 procent van het tarief dat geldt voor benzineauto’s. Kampeerauto’s betalen voortaan de helft van het reguliere bedrag. Andere uitstootvrije voertuigen verliezen hun belastingvoordeel volledig. Voor zzp’ers betekent dit hogere vaste lasten, ook bij duurzaam vervoer.

Tegelijkertijd blijft de overheid elektrisch rijden voorlopig stimuleren. Elektrische en waterstofauto’s behouden tot en met 2028 een korting van 30 procent op de motorrijtuigenbelasting. In 2029 wordt deze korting verlaagd naar 25 procent en vanaf 2030 vervalt het voordeel volledig. Voor zzp’ers die overwegen om elektrisch te gaan rijden, blijft er dus nog een tijdelijke stimulans bestaan.

Brandstofkosten en aanschaf van voertuigen

Naast de motorrijtuigenbelasting zijn ook de kosten bij aanschaf van voertuigen gestegen. De bpm-tarieven zijn verhoogd, vooral voor voertuigen met een hogere CO₂-uitstoot. Brandstofauto’s worden hierdoor duurder, terwijl schonere voertuigen relatief aantrekkelijker blijven. De overheid verhoogt deze tarieven stapsgewijs tot 2028 om de uitstoot van het wagenpark terug te dringen.

Een beperkte verlichting komt van de verlengde accijnskorting op benzine, diesel en lpg. Deze korting blijft ook in 2026 van kracht en is verlengd tot begin 2027. Hoewel de korting iets lager is dan in eerdere jaren, blijven de brandstofprijzen lager dan zonder deze maatregel. Voor zzp’ers die veel kilometers maken, blijft dit een belangrijk kostenvoordeel.

Digitalisering wordt de norm in contact met de overheid

Digitalisering speelt in 2026 een steeds grotere rol in de relatie tussen ondernemers en de overheid. Voor zzp’ers betekent dit dat administratieve processen voortaan digitaal moeten worden ingericht.

Een belangrijk voorbeeld is de btw-teruggave voor klanten buiten de Europese Unie. Winkeliers die verkopen aan niet-EU-klanten moeten deze teruggave voortaan volledig digitaal afhandelen. Papieren formulieren en douanestempels zijn niet langer toegestaan. Aankopen worden digitaal geregistreerd bij de douane en klanten vragen de btw digitaal terug. Voor zzp’ers in de detailhandel vraagt dit om aanpassing van kassasystemen en administratie.

Daarnaast mogen ondernemers officiële zaken digitaal afhandelen met gemeenten, provincies en waterschappen. Digitale communicatie heeft daarbij dezelfde rechtsgeldigheid als papieren post. Hoewel papieren communicatie in veel gevallen mogelijk blijft, wordt digitale communicatie steeds vaker de standaard.

Arbeidsmarktontwikkelingen en indirecte effecten

Hoewel zzp’ers formeel niet onder het wettelijk minimumuurloon vallen, heeft de verhoging van het wettelijk minimumuurloon naar 14,71 euro indirecte gevolgen. Hogere loonkosten bij opdrachtgevers kunnen doorwerken in tarieven, vooral in sectoren waar zelfstandigen en werknemers naast elkaar actief zijn. Ook andere arbeidsmarktmaatregelen zijn relevant. Zo is het  loonkostenvoordeel voor oudere werknemers beëindigd voor nieuwe dienstverbanden. Voor bestaande dienstverbanden blijft het voordeel bestaan. Dit laat zien dat de overheid haar beleid steeds meer richt op duurzame inzetbaarheid in plaats van leeftijdsgebonden voordelen.

Daarnaast blijft de regeling voor vervroegde uittreding bestaan voor werknemers met zwaar werk. Werkgevers mogen tot aan de pensioenleeftijd een uitkering verstrekken, waarbij over de eerste 2.573 euro per maand geen belasting hoeft te worden betaald. Voor zzp’ers is dit vooral relevant in sectoren waar zij concurreren met werknemers die gebruikmaken van deze regeling.

ZZP 2026 overige wijzigingen: betalen, energie en sectorspecifieke regels

Naast belastingen, mobiliteit en digitalisering zijn er ook andere wijzigingen die voor zzp’ers relevant zijn. Sinds 1 januari 2026 zijn contante betalingen boven 3.000 euro verboden. Betalingen moeten voortaan via pin of bankoverschrijving plaatsvinden. Voor zzp’ers betekent dit dat contante transacties vrijwel volledig verdwijnen en dat duidelijke betalingsafspraken noodzakelijk zijn.

Op het gebied van energiegebruik geldt een nieuwe verplichting voor eigenaren van grote bedrijfspanden. Zij moeten gebruikmaken van GACS-software om het energieverbruik te monitoren en te optimaliseren. Deze verplichting geldt voor installaties boven 290 kW en wordt vanaf 2030 uitgebreid naar kleinere installaties. Dit kan leiden tot extra investeringen, maar biedt ook inzicht in mogelijke energiebesparingen.

Daarnaast zijn er sectorale maatregelen, zoals de beperking van het aantal kinderen in een  BSO-bus tot maximaal acht. Deze regel is vooral relevant voor zzp’ers in de kinderopvang en het personenvervoer en is bedoeld om de veiligheid te vergroten.

Overzicht wijzigingen ZZP 2026

Voor een duidelijk overzicht plaatsen we alle wijzigingen nog eens hieronder in een overzicht:

Onderwerp Belangrijkste wijziging in 2026 Gevolg voor zzp’ers
Algemeen beleid Meer transparantie, strengere handhaving en verdere gelijkstelling met werknemers. Minder fiscale voordelen en meer administratieve verplichtingen.
Inkomstenbelasting Aangepaste tarieven en inkomensgrenzen in box 1. Afhankelijk van het inkomen kan dit gunstig of ongunstig uitpakken.
Zelfstandigenaftrek Verder verlaagd tot € 1.200; urencriterium blijft gelijk. Structureel lager fiscaal voordeel voor zelfstandigen.
Btw & vastgoed Btw op overnachtingen naar 21%; overdrachtsbelasting beleggingen verlaagd naar 8%. Hogere kosten in toerisme, aantrekkelijker investeren in vastgoed.
Watergebruik Belasting tot 50.000 m³; vanaf 2027 volledige belasting. Hogere structurele lasten bij waterintensieve bedrijfsvoering.
Mobiliteit Afschaffing kwarttarief MRB; hogere lasten voor (elektrische) voertuigen. Stijgende vaste autokosten, ook bij duurzaam vervoer.
Elektrisch rijden 30% MRB-korting tot 2028, daarna afbouw. Tijdelijke stimulans blijft, maar voordeel is eindig.
Brandstof & bpm Hogere bpm bij CO₂-uitstoot; accijnskorting verlengd tot 2027. Duurdere aanschaf, maar lagere brandstofkosten op korte termijn.
Digitalisering Verplichte digitale btw-teruggave en digitale communicatie met overheden. Aanpassing van systemen en administratie noodzakelijk.
Arbeidsmarkt Minimumuurloon verhoogd; loonkostenvoordeel ouderen afgeschaft. Indirecte druk op tarieven en concurrentiepositie.
Betalingen Contante betalingen boven € 3.000 verboden. Volledig overstappen op digitale betaalmethoden.
Energie & sectoren Verplichte GACS-software en sectorspecifieke veiligheidsregels. Extra investeringen, maar meer inzicht en veiligheid.

Conclusie: vooruitkijken blijft essentieel voor zzp’ers

De wetswijzigingen per 1 januari 2026 maken duidelijk dat de speelruimte voor zzp’ers verder verandert. Fiscale voordelen worden stap voor stap afgebouwd, terwijl digitalisering en naleving van regels steeds belangrijker worden. Tegelijkertijd blijven er tijdelijke voordelen bestaan, bijvoorbeeld op het gebied van mobiliteit, waardoor het effect per ondernemer kan verschillen.

Voor zzp’ers is het daarom essentieel om tijdig inzicht te krijgen in de gevolgen van deze veranderingen voor de eigen situatie. Door vooruit te kijken, kosten en risico’s in kaart te brengen en waar nodig de bedrijfsvoering aan te passen, kunnen zelfstandigen beter inspelen op de nieuwe realiteit. Een goede voorbereiding voorkomt verrassingen en draagt bij aan duurzaam ondernemerschap.

FAQ – zzp en wetgeving in 2026

1. Wat verandert er fiscaal voor zzp’ers in 2026?
In 2026 worden de belastingtarieven en inkomensgrenzen in box 1 aangepast en wordt de zelfstandigenaftrek verder verlaagd naar 1.200 euro. Hierdoor neemt het fiscale voordeel voor veel zzp’ers af. Het uiteindelijke effect verschilt per inkomensniveau.

2. Wordt ondernemen als zzp’er in 2026 duurder?
Voor veel zelfstandigen stijgen de kosten door hogere lasten op mobiliteit, energie en watergebruik. Tegelijk blijven er tijdelijke voordelen bestaan, zoals accijnskorting op brandstof en korting op de motorrijtuigenbelasting voor elektrische auto’s. Per onderneming kan de kostenontwikkeling daarom sterk verschillen.

3. Wat betekenen de digitaliseringsregels voor zzp’ers?
Administratieve processen, zoals btw-teruggave voor niet-EU-klanten en communicatie met overheden, moeten steeds vaker volledig digitaal verlopen. Papieren formulieren worden in veel gevallen afgeschaft. Dit vraagt om aanpassing van systemen en een meer digitale bedrijfsvoering.

4. Mag ik in 2026 nog contant betaald worden als zzp’er?
Contante betalingen boven de 3.000 euro zijn sinds 1 januari 2026 verboden. Betalingen moeten via pin of bankoverschrijving verlopen. Voor zzp’ers betekent dit dat duidelijke, digitale betaalafspraken noodzakelijk zijn.

5. Hoe kunnen zzp’ers zich het beste voorbereiden op 2026?
Het is belangrijk om tijdig inzicht te krijgen in de financiële en administratieve gevolgen van de nieuwe regels. Door kosten, tarieven en investeringen opnieuw te bekijken, kunnen zzp’ers beter inspelen op de veranderingen. Goede voorbereiding voorkomt verrassingen en vergroot de continuïteit van de onderneming.

Geschreven door Cedrick Verleg, LL.B. - Jurist bij XY Legal Solutions

Over Juristenblog.nl

Het team van Juristenblog.nl bestaat uit ervaren juristen. Wekelijks wordt onderzoek gedaan naar interessante onderwerpen waarover geschreven kan worden. Vervolgens schrijft de jurist met de meeste kennis van het onderwerp de betreffende blog. Op deze manier blijft ons concept up-to-date en relevant.

Schrijf je in & Blijf op de hoogte

Laat hieronder je e-mailadres achter en ontvang elke maandagochtend een overzicht van de meest recente berichten die op juristenblog.nl zijn verschenen.

We spammen niet. Je kunt je op ieder moment uitschrijven.