De politie gebruikt automatische kentekenherkenning in Nederland al jaren bij de opsporing. Langs snelwegen en invalswegen lezen camera’s voortdurend kentekens uit. Daarbij registreren ze ook auto’s van mensen tegen wie geen enkele verdenking bestaat. Op 29 september 2026 plaatste het gerechtshof Den Haag daar een stevig juridisch vraagteken bij. In de zaak van Privacy First tegen de Staat acht het hof de noodzaak van het systeem nog onvoldoende aangetoond. Bovendien formuleert het nu al twee duidelijke eisen voor het gebruik van de camera’s.
De discussie beperkt zich bepaald niet tot Nederland. In de Verenigde Staten neemt namelijk het verzet tegen Flock Safety toe. Dit bedrijf beheert een landelijk netwerk van kentekencamera’s dat agenten onder meer misbruikten om ex-partners te volgen. Nederlandse gemeenten verzamelden intussen zonder wettelijke grondslag informatie over inwoners. Tegelijk onderhandelt de EU over regels voor het scannen van chatberichten. In dit artikel brengt Juristenblog.nl deze ontwikkelingen samen. Daarbij keert één juridische vraag telkens terug: wanneer verandert gericht toezicht in massasurveillance?
Liever snel antwoord? Lees dan de FAQ onderaan het artikel!
Wat is automatische kentekenherkenning en hoe werkt het in Nederland?
Automatische kentekenherkenning (ANPR) is een techniek waarbij camera’s kentekens van passerende voertuigen automatisch uitlezen. De afkorting staat voor Automatic Number Plate Recognition. Het systeem legt het kenteken, het tijdstip en de locatie vast, zodat de politie die gegevens later kan doorzoeken.
Verspreid over Nederland staan op ten minste 1.176 locaties ANPR-camera’s. Automobilisten zien daar doorgaans weinig van. De apparatuur hangt bijvoorbeeld boven snelwegen, langs invalswegen en bij kruispunten. De camera’s registreren ieder passerend voertuig, ook als er geen enkele verdenking tegen de bestuurder bestaat. Automatische kentekenherkenning werkt daarmee anders dan klassieke, gerichte opsporing. De registratie begint immers voordat bekend is wie voor een onderzoek relevant kan zijn.
Automatische kentekenherkenning: de wettelijke basis en het recht op privacy
De juridische grondslag staat in artikel 126jj van het Wetboek van Strafvordering. Op basis daarvan mag de politie kentekengegevens vier weken bewaren. Die termijn geldt voor gegevens van alle passerende voertuigen, dus ook voor auto’s die niet op een zoeklijst voorkomen. Binnen die periode mag de politie de gegevens raadplegen voor de opsporing van ernstige strafbare feiten. Een overval of ontvoering kan daarvoor bijvoorbeeld aanleiding geven.
Voor zo’n raadpleging is een bevel van de officier van justitie vereist. Voorafgaande toestemming van een rechter schrijft de huidige regeling niet voor. Dat onderscheid is juridisch relevant. De officier van justitie behoort namelijk tot het openbaar ministerie, dat zelf bij de opsporing betrokken is, en is geen onafhankelijke rechter.
Bij deze verwerking door de politie is de AVG niet het toepasselijke kader. Daarvoor geldt de Wet politiegegevens. Die bevat onder andere regels over toegang, bewaartermijnen en de rechten van burgers. Daarnaast beschermt artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens het recht op privacy. Een beperking daarvan moet wettelijk zijn voorzien en noodzakelijk zijn in een democratische samenleving. Het eventuele nut van kentekendata vormt daarbij slechts een deel van de beoordeling. Juridisch moet ook vaststaan dat het bewaren van ieders gegevens evenredig is aan het beoogde resultaat.
Automatische kentekenherkenning voor de rechter: wat het hof besliste
Het arrest van 29 september 2026 is nog geen definitief oordeel. Het gaat om een tussenarrest. Over twee onderdelen heeft het hof zich echter al duidelijk uitgesproken. De volledige motivering staat in ECLI:NL:GHDHA:2026:2898.
Privacy First voert al langer een juridische strijd tegen de kentekencamera’s. De organisatie vroeg de rechtbank eerder om de regeling buiten werking te stellen. De rechtbank wees die vordering af. In hoger beroep wil Privacy First daarom een verklaring dat de regeling onrechtmatig is. Ook vraagt de organisatie om een verbod op verder gebruik van de verzamelde gegevens totdat die onrechtmatigheid is weggenomen.
Een definitief oordeel laat nog op zich wachten, maar twee voorwaarden staan voor het hof al vast. De beslissing om op een bepaalde plek een camera neer te zetten, moet onder onafhankelijk toezicht vallen. Voor het raadplegen van opgeslagen gegevens verlangt het hof bovendien voorafgaande toetsing door een rechter.
De bestaande regeling, of in ieder geval de huidige uitvoering, voldoet op die onderdelen niet. Zij biedt op die punten onvoldoende verdragsrechtelijke bescherming van de privacy. Het huidige bevel van de officier van justitie biedt daarvoor kennelijk niet genoeg waarborg.
Over de noodzaak van het systeem mag de Staat nog nadere informatie geven. Het hof wil concreet weten hoeveel betekenis de opgeslagen gegevens voor opsporingsonderzoeken hebben. Ook moet duidelijk worden waarom een bewaartermijn van precies vier weken noodzakelijk is. Die onderbouwing bepaalt of automatische kentekenherkenning in haar huidige vorm kan blijven bestaan. Daarna volgt het eindarrest en beslist het hof eveneens over de gevraagde verklaring van onrechtmatigheid.
Flock Safety: kentekencamera’s als Amerikaans verdienmodel
De Verenigde Staten bieden een beeld van wat kan gebeuren wanneer automatische kentekenherkenning veel breder wordt ingezet. Flock Safety uit Atlanta groeide er snel uit tot de grootste aanbieder. Het bedrijf heeft meer dan 6.000 klanten in alle staten behalve Alaska. In 2025 kreeg Flock een waardering van 7,5 miljard dollar. Het assortiment omvat behalve kentekencamera’s ook drones, detectiesystemen voor geweerschoten en software die verschillende databronnen koppelt. Vooral de commerciële opzet van het netwerk wijkt af van de Nederlandse situatie.
Flock levert de camera’s namelijk niet uitsluitend aan politiekorpsen. Ook bedrijven en buurtverenigingen kunnen klant worden. Flock presenteert het systeem als een landelijk publiek-privaat veiligheidsnetwerk. Politiekorpsen kunnen via een centrale zoekfunctie bovendien camera’s buiten hun eigen staat raadplegen. Zo’n zoekactie kan tienduizenden camera’s tegelijk omvatten.
Daarbij registreren Flock-camera’s meer kenmerken dan het kenteken alleen. De gebruikte AI-software herkent ook merk, model, kleur, bumperstickers en zelfs krassen. Daardoor kan een agent naar een bepaald voertuig zoeken zonder het kenteken te kennen. Politiekorpsen met Flock benadrukken dat het systeem geen gezichtsherkenning gebruikt. De gegevens verdwijnen standaard na 30 dagen. Een voertuig is echter vaak alsnog aan een persoon te koppelen, zeker wanneer andere databronnen beschikbaar zijn. Hierdoor ontstaat een veel gedetailleerder zoekinstrument dan bij traditionele kentekenherkenning. Tegelijk registreren de camera’s mensen die toevallig in beeld komen.
Misbruik van kentekencamera’s: wat er in de praktijk misgaat
Wie toegang tot zo’n registratiesysteem heeft, kan die toegang ook voor persoonlijke doeleinden inzetten. Het Institute for Justice verzamelt voorbeelden in een openbare database over misbruik van kentekencamera’s. Daarin keren verschillende problemen terug. Het gaat onder meer om stalking door politiefunctionarissen, zoekacties over staatsgrenzen en verkeerde resultaten van de software.
Agenten die ex-partners volgden
Stalking door agenten vormt een terugkerend patroon. Justitie klaagde een agent uit Lufkin in Texas op honderd punten aan. Hij zou zijn ex-vriendin en mensen uit haar omgeving ruim 10.000 keer hebben opgezocht. Het systeem zou hij daarmee hebben ingezet voor een persoonlijk doel zonder verband met politiewerk. De plaatselijke politie zette vervolgens alle Flock-camera’s uit.
Een ander geval speelde in Milwaukee. Daar nam in maart 2026 een agent ontslag nadat hij zijn partner en een ex van die partner zou hebben gevolgd. In twee maanden ging het om bijna 180 zoekacties. Zulke zaken komen vaak pas na een klacht naar buiten, omdat korpsen zoeklogs doorgaans achteraf controleren. In augustus 2026 ontstond in Habersham County, Georgia, een vergelijkbare zaak. Een hulpsheriff zou zijn partner via Flock hebben gevolgd. Zijn werkgever ontsloeg hem en justitie vervolgt hem strafrechtelijk.
Flock benadrukt dat de betrokken misbruikers slechts een klein deel uitmaken van zijn 140.000 actieve gebruikers. Dat cijfer zegt echter weinig over de gevolgen van een individueel incident. Een enkele agent met voldoende toegangsrechten kan immers zeer veel informatie over één persoon verzamelen.
Zoekopdrachten zonder grenzen en foute matches
Een hulpsheriff in Johnson County, Texas, startte in mei 2025 een landelijke zoekactie. Bij de reden vermeldde hij dat een vrouw een abortus had gehad en dat hij naar haar zocht. De opdracht doorzocht 6.809 netwerken en meer dan 83.000 camera’s. Daaronder vielen ook camera’s in staten waar abortus wettelijk beschermd is. Twee leden van het Amerikaanse Congres vroegen Flock vervolgens om uitleg.
De sheriff bestreed die lezing overigens. Hij stelde dat de zoekactie betrekking had op een vermiste persoon. Los van dat geschil is duidelijk hoe groot het bereik van één opdracht kan zijn. Staatsgrenzen vormen binnen het netwerk namelijk geen technische grens.
Problemen ontstaan ook zonder opzettelijk misbruik. Agenten in New Mexico hielden bestuurders onder schot nadat kentekencamera’s een verkeerde match hadden gemaakt. Een technische fout kan daarmee onmiddellijk gevolgen hebben voor iemands veiligheid. Bij een systeem op deze schaal kunnen verkeerde herkenningen eveneens een groot bereik krijgen. Eén verkeerd gelezen cijfer of één letter kan ertoe leiden dat agenten een onschuldige automobilist behandelen als verdachte van een geweldsmisdrijf.
Massaal verzet tegen Flock en de reactie van het bedrijf
De reeks misbruikzaken heeft in de Verenigde Staten tot breed maatschappelijk verzet geleid. Inmiddels hebben meer dan 80 gemeenschappen een contract met Flock afgewezen of beëindigd. Rechtshoogleraar Andrew Ferguson spreekt van de eerste aanhoudende afwijzing van een politiesurveillancesysteem in jaren. Tegelijk zetten politiekorpsen andere technologie, waaronder drones en realtime crimecentra, juist steeds vaker in. Ook het gebruik van de 52 Flock-camera’s in Berkeley staat inmiddels ter discussie.
Op sommige plaatsen heeft het protest een hardere vorm aangenomen. Mensen vernielden camera’s op verschillende locaties. De Facebookgroep van DeFlock America heeft inmiddels ruim 800.000 leden. Flock-topman Garrett Langley omschreef de beweging eerder als terroristisch. In juli bood hij excuses aan voor die kwalificatie.
Flock reageerde op 13 augustus 2026 met nieuwe maatregelen. Politieklanten moeten uiterlijk eind 2026 Audit Assistance inschakelen. Deze functie signaleert ongebruikelijke zoekopdrachten. Op dat moment gebruikte ongeveer een derde van de klanten de functie. Het systeem blokkeert voortaan automatisch gebruikers bij wie het mogelijk misbruik signaleert. Een beheerder moet hun toegang daarna opnieuw beoordelen. Toch blijft die controle uiteindelijk bij de klanten van Flock liggen. Het Haagse hof verlangt voor het Nederlandse systeem juist een toets door een rechter vooraf.
Toezicht zonder grondslag: ook Nederlandse gemeenten gingen te ver
De Amerikaanse voorbeelden staan niet volledig los van de Nederlandse praktijk. Ook Nederlandse overheden verzamelden gegevens zonder duidelijke wettelijke basis. Twee zaken laten dat zien. Daarbij ging het om gemeenten en niet om de politie. Juist gemeenten hebben in het dagelijks bestuur veel direct contact met inwoners. Daardoor kan zulke gegevensverzameling hen rechtstreeks raken.
Online monitoring door gemeenten en de reactie van het kabinet
NHL Stenden Hogeschool en de Rijksuniversiteit Groningen publiceerden in 2021 het rapport Black Box van gemeentelijke online monitoring. Van de ondervraagde ambtenaren zei 95 procent dat hun gemeente online monitoring toepaste. Tegelijk gaf 54 procent aan dat daarvoor geen protocol bestond.
Zo bekeken gemeenten Facebookgroepen om informatie te verzamelen over demonstraties en mogelijke ongeregeldheden. Ambtenaren zochten daarnaast op Marktplaats naar bijverdiensten van mensen met een bijstandsuitkering. Ook controleerden gemeenten via sociale media verklaringen van asielzoekers. Ongeveer één op de zes gemeenten gebruikte soms nepaccounts. Die methode is voorbehouden aan politie en inlichtingendiensten. Onderzoeksleider Willem Bantema maakte daarbij onderscheid tussen meekijken en het volgen van personen:
“Maar zodra je individuen stelselmatig gaat volgen, ga je grenzen over.”
Willem Bantema, onderzoeksleider, tegenover de NOS
Zelfs de politie mag iemand in beginsel pas stelselmatig volgen na toestemming van de officier van justitie. Bij de onderzoeksresultaten hoort wel een belangrijke kanttekening. De cijfers komen uit een vragenlijst onder 196 medewerkers van 156 gemeenten. Het betreft dus zelfgerapporteerde werkwijzen van ambtenaren en geen lijst met vastgestelde overtredingen. Bij zeker 23 gemeenten kwamen verzamelde gegevens automatisch in dossiers terecht. Voor inwoners vergroot dat de mogelijke gevolgen van de monitoring.
Het onderzoek leidde vervolgens tot maatregelen. Binnenlandse Zaken maakte samen met de VNG een handreiking voor gemeentelijk online onderzoek. Uit een beslisnota van oktober 2023 blijkt dat de landsadvocaat geen juridische ruimte ziet voor ongericht online onderzoek. Hetzelfde geldt voor monitoringtools. Een latere Kamerbrief bevat daarnaast een vergelijkbare conclusie over radicalisering. Burgemeesters beschikken niet over een wettelijke grondslag om daarvoor online onderzoek naar personen te doen. De algemene bevoegdheid uit de Gemeentewet is bovendien al snel te algemeen als zelfstandige grondslag.
Moskee-onderzoeken en boetes van de AP
Een andere kwestie kwam in 2021 naar buiten. In februari 2026 volgden boetes van de Autoriteit Persoonsgegevens. De toezichthouder legde tien gemeenten ieder een boete van 25.000 euro op. Samen ging het om 250.000 euro. De betrokken gemeenten zijn Delft, Ede, Eindhoven, Gooise Meren, Haarlemmermeer, Hilversum, Huizen, Tilburg, Veenendaal en Zoetermeer.
Na de oorlog in Syrië en de aanslagen in Europa wilden de Rijksoverheid en de NCTV radicalisering steviger lokaal aanpakken. Verschillende gemeenten huurden daarvoor een extern onderzoeksbureau in. Dat bureau bracht moskeebezoekers, hun geloofsovertuiging en onderlinge contacten in kaart. Gemeenten stuurden een deel van de rapporten daarna naar de politie, de NCTV en het ministerie van SZW. AP-voorzitter Aleid Wolfsen formuleerde zijn oordeel over de gemeentelijke rol scherp:
“De gemeenten hadden geen enkele grond om die informatie te hebben.”
Aleid Wolfsen, voorzitter van de Autoriteit Persoonsgegevens
Bij de boetes is één onderscheid essentieel. Ze hebben betrekking op het bezit van de rapporten en niet op het onderzoek waarmee die informatie is verzameld. Dat onderzoek vond namelijk meer dan vijf jaar geleden plaats. Daardoor was de termijn voor een boete over het onderzoek verstreken. Gooise Meren betwist daarnaast het beeld dat sprake was van infiltratie. De gemeente stelt dat de AP daar geen heimelijk onderzoek heeft vastgesteld. Geloof en politieke voorkeur zijn bijzondere persoonsgegevens. Gemeenten mogen die onder artikel 9 AVG vrijwel nooit verwerken. De onderzoeken hebben intussen het vertrouwen geraakt. De Eindhovense burgemeester Jeroen Dijsselbloem erkende die gevolgen eveneens:
“Het onderzoek heeft het vertrouwen geschaad en stigmatiserend gewerkt naar de islamitische gemeenschappen.”
Jeroen Dijsselbloem, burgemeester van Eindhoven
Van kenteken tot chatbericht: Chat Control en massasurveillance in Europa
Chat Control is de informele naam voor het Europese voorstel voor een verordening ter voorkoming en bestrijding van seksueel misbruik van kinderen. Het voorstel verplicht aanbieders van onder meer chatdiensten om misbruikmateriaal op te sporen, te melden en te verwijderen. Critici gebruiken de term omdat het voorstel ook privéberichten raakt.
Terwijl het hof de juridische grenzen rond kentekens onderzoekt, onderhandelt de EU over een veel verdergaande vorm van controle. Het voorstel van de Europese Commissie dateert uit mei 2022. Ook versleutelde diensten zoals WhatsApp en Signal zouden eronder vallen. Bij zulke diensten kan normaal zelfs de aanbieder de inhoud van berichten niet lezen. In de publieke discussie lopen bovendien twee verschillende regelingen geregeld door elkaar.
Chat Control 1.0, 2.0 en de triloog van vandaag
Chat Control 1.0 vormt een tijdelijke uitzondering die aanbieders vrijwillig laat scannen. De regeling liep in april 2026 af. Sinds juli 2026 geldt zij opnieuw, uiterlijk tot 3 april 2028. Daarbij stemden meer Europarlementariërs tegen de regeling dan ervoor. Het aantal tegenstemmen was echter onvoldoende om verlenging te verhinderen.
Chat Control 2.0 is bedoeld als permanente regeling en werkt met verplichte detectiebevelen. Een akkoord ontbreekt nog. De Commissie, het Parlement en de Raad hanteren uiteenlopende posities. Het Parlement wil scanning beperken tot verdachte gebruikers en verlangt een rechterlijk bevel. De Raad wil ruimere mogelijkheden. Het Parlement bepaalde zijn standpunt in november 2023, de Raad pas in november 2025. Voor aanbieders met versleutelde diensten raakt de discussie rechtstreeks aan de werking van hun techniek.
Vandaag staat onder Iers voorzitterschap een zesde en mogelijk beslissende triloog op de agenda. De vijfde onderhandelingsronde in juni leverde geen akkoord op. De Raad hield toen vast aan permanent scannen zonder verdenking. Juristenblog.nl werkt dit artikel bij zodra de uitkomst van de triloog bekend is.
Dezelfde vraag als bij kentekens
Hier ontstaat een duidelijke juridische parallel met de kentekenzaak. Bij beide systemen speelt de keuze tussen algemene controle en gericht onderzoek met voorafgaande rechterlijke toetsing. Voorstanders benadrukken de ernst van online seksueel misbruik van kinderen. Defence for Children vindt vrijwillige detectie onvoldoende. Slachtoffers krijgen immers telkens opnieuw met hun trauma te maken zolang beelden circuleren. Nederland behoort bovendien al jaren tot de grootste hostinglanden van dergelijk misbruikmateriaal.
Critici richten zich vooral op toekomstig gebruik van de infrastructuur. Voormalig AIVD-toezichthouder Bert Hubert waarschuwt dat een bestaand controlesysteem later ook voor andere doeleinden kan dienen. Hij verwijst daarbij naar eerdere ontwikkelingen binnen de opsporing:
“Dat is in de geschiedenis van opsporing nog nooit anders geweest.”
Bert Hubert, technologie-expert en voormalig AIVD-toezichthouder, tegenover EenVandaag
Nederland keerde zich in 2025 nog tegen het voorstel. Intussen valt de overeenkomst met de kentekenprocedure op. Het Europees Parlement verlangt namelijk gerichte inzet en voorafgaande toestemming van een rechter. Het Haagse hof stelt voor het gebruik van opgeslagen kentekengegevens een vergelijkbare eis. De onderhandelingen van vandaag moeten uitwijzen of die lijn binnen Chat Control standhoudt. Mogelijk zijn daarvoor nog verdere rondes nodig.
Kan Flock naar Europa? AVG, AI-verordening en de CLOUD Act
Voor zover bekend gebruiken Nederlandse politiekorpsen Flock Safety niet. Ook in het Verenigd Koninkrijk bestaat geen bevestigde inzet door een politiemacht. Verwarring ontstaat daar soms doordat een Britse verzekeraar dezelfde naam draagt. Toch is de vraag relevant welke juridische obstakels een systeem als Flock in Nederland zou tegenkomen.
Drie juridische drempels
Een belangrijk obstakel is de AVG. Een buurtvereniging die structureel kentekens van voorbijgangers registreert, moet daarvoor een zwaarwegend en aantoonbaar belang hebben. Voor bedrijven geldt dezelfde eis. Zo’n belang is lastig te onderbouwen wanneer de camera ook de openbare weg filmt. De AP benadrukt al jaren dat particulieren de openbare weg in beginsel niet mogen filmen.
Voor de politie gelden daarnaast de Wet politiegegevens en artikel 126jj Sv. Binnen dat wettelijke kader past een landelijk zoeknetwerk van particuliere camera’s niet zonder meer. Structurele aansluiting op camera’s van buurtverenigingen ligt daarom juridisch niet voor de hand.
Ook de AI-verordening werpt een drempel op. Bepaalde AI-systemen voor profilering binnen de opsporing gelden daarin als hoog risico. Daarvoor gelden stevige verplichtingen rond transparantie, menselijk toezicht en documentatie. Functies zoals de vehicle fingerprint van Flock kunnen daardoor eveneens met deze eisen te maken krijgen.
Een rechtstreekse kopie van het Amerikaanse Flock-model ligt in Nederland daardoor niet voor de hand. Uitgesloten is zo’n ontwikkeling echter niet. Wetgeving kan veranderen en overheden blijven zoeken naar technologische middelen tegen criminaliteit. Bij een Amerikaanse leverancier ontstaat bovendien een afzonderlijke vraag over toegang tot opgeslagen gegevens. Die kwestie reikt verder dan alleen de AVG. De moskee-onderzoeken illustreren intussen dat juridische regels pas bescherming bieden wanneer instanties de naleving daadwerkelijk controleren.
Wie kan er via Amerikaans recht bij de data?
Amerikaanse leveranciers blijven onder Amerikaans recht vallen, ook wanneer hun gegevens op Europese servers staan. De CLOUD Act uit 2018 verplicht Amerikaanse aanbieders namelijk gegevens te verstrekken ongeacht de fysieke locatie van de server. Europese regels over toegang en bewaartermijnen sluiten Amerikaanse toegang daardoor niet volledig uit.
Die discussie speelde al vóór de CLOUD Act. Kort na de Snowden-onthullingen bleek in 2014 uit Wob-documenten dat ministeries nauwelijks maatregelen namen tegen mogelijke Amerikaanse toegang tot Nederlandse gegevens. Daarbij kwam onder meer de centrale database met vingerafdrukken aan bod. De leverancier daarvan viel als Amerikaanse dochteronderneming onder Amerikaanse wetgeving. Hoogleraar informatierecht Egbert Dommering wees destijds op de positieve verplichting van de Staat om burgers op eigen grondgebied te beschermen. Hij verbond daaraan een duidelijke conclusie:
“Dat vereist dat er politieke actie wordt ondernomen.”
Egbert Dommering, hoogleraar informatierecht, tegenover De Correspondent (2014)
Het Nederlandse systeem voor automatische kentekenherkenning laat zich op dit punt goed naast het Flock-model leggen. Nederland kent meer formele wettelijke waarborgen. Vooral het toezicht op het gebruik van gegevens verschilt tussen beide systemen:
| Onderdeel | Nederland (ANPR) | Flock-model (VS) |
|---|---|---|
| Wie plaatst camera’s | De overheid, voor opsporing door de politie | Politie, maar ook buurtverenigingen en bedrijven |
| Wettelijke basis | Artikel 126jj Sv en Wet politiegegevens | Contracten met klanten, regels verschillen per staat |
| Bewaartermijn | Vier weken | Vaak 30 dagen, afhankelijk van de klant |
| Toezicht op gebruik | Bevel officier van justitie, hof eist rechter vooraf | Controle achteraf via zoeklogs |
Waarom automatische kentekenherkenning zo ongemakkelijk voelt
De voorbeelden in dit artikel verschillen sterk van elkaar. Amerikaanse stalkingzaken zijn juridisch iets anders dan gemeentelijke dossiers in Nederland. Toch ontstaat in beide situaties een vergelijkbaar gevoel van ongemak. Dat speelt zowel bij de individuele burger als binnen de samenleving.
Automatische kentekenherkenning op persoonlijk niveau
Automatische kentekenherkenning blijft voor veel automobilisten grotendeels onzichtbaar. Je passeert een camera zonder daar iets van te merken. Intussen legt het systeem vast wanneer je naar je werk, familie, een ziekenhuis of een advocaat rijdt. Eén registratie zegt weinig. Een reeks registraties kan echter een herkenbaar patroon van iemands dagelijks leven opleveren.
Daardoor kunnen op zichzelf gewone gegevens toch gevoelig worden. Wie steeds dezelfde route aflegt, bouwt ongemerkt een digitaal reisdagboek op. Een camera in de buurt van een kliniek, moskee of vakbondskantoor kan informatie prijsgeven die iemand zelf niet zou delen. De zaak uit Texas voegt daar nog een andere dimensie aan toe. Gegevens die vandaag zijn verzameld, kunnen later in een andere politieke of juridische context een nieuwe betekenis krijgen.
Daarbij bestaat een duidelijke informatieongelijkheid. De overheid kan terugzien waar een voertuig is geweest. De eigenaar weet ondertussen niet wie zijn gegevens heeft geraadpleegd. Voorafgaande controle biedt daarom een andere bescherming dan toezicht dat pas na gebruik plaatsvindt.
Automatische kentekenherkenning op maatschappelijk niveau
Op maatschappelijk vlak raakt deze discussie aan vertrouwen in de overheid. Gemeentelijke dossiers over moskeebezoekers zonder wettelijke grondslag treffen rechtstreeks de onderzochte personen. Tegelijk kunnen andere burgers zich afvragen of overheidsinstanties hun eigen wettelijke grenzen respecteren. Tilburgse moskeeorganisaties beschouwden de onderzoeken als een teken van structureel wantrouwen. Zij vonden excuses alleen niet voldoende.
Het gevoel voortdurend bekeken te kunnen worden, kan bovendien gedrag beïnvloeden. Mensen kunnen terughoudender worden om te demonstreren, informatie te zoeken of bepaalde locaties te bezoeken. Zo’n effect laat zich moeilijk exact meten. Dat betekent echter niet dat het geen rol speelt. Bij de moskee-onderzoeken kwam daar nog bij dat betrokkenen soms pas jaren later ontdekten wat was gebeurd. Tussen de eerste rapporten en de boetes van de AP zat in sommige gevallen bijna tien jaar.
Daar staat tegenover dat kentekenherkenning bij ernstige strafbare feiten een opsporingsmiddel kan zijn. Slachtoffers hebben vanzelfsprekend belang bij effectieve opsporing. De juridische spanning tussen privacy en bescherming van slachtoffers komt daarom vaker terug. Bij Chat Control speelt daarnaast het belang van kinderen die bescherming tegen misbruik verdienen. De juridische discussie richt zich vooral op de schaal van de controle en de waarborgen rond het gebruik ervan. Het hof, de AP en het Europees Parlement stellen daarbij ieder eisen aan toezicht en begrenzing. Veiligheid en privacy hoeven juridisch dus geen absolute tegenpolen te zijn. Bevoegdheden kunnen wel zo worden ingericht dat hun toepassing gericht, controleerbaar en tijdelijk blijft.
Automatische kentekenherkenning en jouw rechten: wat kun je zelf doen?
Wie over de openbare weg rijdt, kan automatische kentekenherkenning praktisch niet vermijden. Dat betekent niet dat je geen rechten hebt. De Wet politiegegevens geeft je de mogelijkheid de politie te vragen welke persoonsgegevens zij over jou verwerkt. Daarop bestaan uitzonderingen. De politie kan inzage bijvoorbeeld weigeren wanneer die een lopend onderzoek zou belemmeren. Een concreet verzoek, met bijvoorbeeld een kenteken en een afgebakende periode, maakt duidelijker op welke gegevens je doelt.
Peter kan bijvoorbeeld vermoeden dat iemand zijn gegevens ten onrechte heeft geraadpleegd. Hij kan dan een inzageverzoek indienen. Wijst de politie dat af, dan kan hij daarover een klacht indienen bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Die toezichthouder controleert ook de verwerking van persoonsgegevens door de politie.
Bij gemeenten geldt de AVG. Artikel 15 geeft burgers een recht op inzage in hun persoonsgegevens. Dat kan relevant zijn voor iemand die wil weten of een gemeente sociale media heeft gevolgd of een naam in een dossier heeft opgenomen. De eerdere zaken rond online monitoring en nepaccounts maken zo’n vraag concreet. Een gemeente die inzage weigert, moet bovendien uitleggen waarom zij dat doet.
Voor de rapporten over moskeegemeenschappen geldt nog een specifieke beperking. Gemeenten die zulke documenten bewaren, mogen ze alleen nog inzetten om gedupeerden bij schadeclaims te helpen. Na afhandeling van die claims moeten de gemeenten de rapporten vernietigen.
Hulp en meer informatie over privacy en kentekenherkenning
Wie vragen heeft over privacy, inzage wil aanvragen of een klacht over een overheidsinstantie overweegt, kan daarvoor ondersteuning krijgen. Verschillende organisaties bieden kosteloos informatie of advies. Sommige instanties kunnen daarnaast een formele klacht behandelen. Hiervoor kun je onder meer terecht bij:
- Autoriteit Persoonsgegevens: autoriteitpersoonsgegevens.nl, tel: 088 180 5250. Het Informatie- en Meldpunt Privacy beantwoordt vragen over je privacyrechten en neemt klachten over politie en gemeenten in behandeling.
- Politie: politie.nl, tel: 0900 8844. Hier kun je terecht met een verzoek om inzage in de gegevens die de politie over jou verwerkt.
- Het Juridisch Loket: juridischloket.nl, tel: 0900 8020. Het Juridisch Loket geeft gratis juridisch advies, ook over privacy en je rechten tegenover de overheid.
- Nationale ombudsman: nationaleombudsman.nl, tel: 0800 335 5555. Hier kun je klagen over de manier waarop een overheidsinstantie jou heeft behandeld.
Wie wil klagen over het optreden van de politie, moet de klacht eerst bij de politie indienen. Als de afhandeling daarna niet naar tevredenheid is, kan de Nationale ombudsman worden benaderd.
Bij een privacyklacht over een gemeente ligt het voor de hand eerst de functionaris gegevensbescherming van die gemeente te benaderen. Leidt dat niet tot een bevredigende oplossing, dan kun je naar de Autoriteit Persoonsgegevens. Bewaar kopieën van zowel het verzoek als de ontvangen reactie. Daarmee blijft later aantoonbaar wat je hebt gevraagd en op welke datum. Ook de wettelijke termijnen zijn relevant. Onder de AVG moet een organisatie in de regel binnen een maand reageren op een inzageverzoek.
Veelgestelde vragen over automatische kentekenherkenning
Geschreven door
Max Paul, LL.B.
Jurist bij XY Legal Solutions
De politie gebruikt automatische kentekenherkenning in Nederland al jaren bij de opsporing. Langs snelwegen en invalswegen lezen camera’s voortdurend kentekens uit. Daarbij registreren ze ook auto’s van mensen tegen wie geen enkele verdenking bestaat. Op 29 september 2026 plaatste het gerechtshof Den Haag daar een stevig juridisch vraagteken bij. In de zaak van Privacy First tegen de Staat acht het hof de noodzaak van het systeem nog onvoldoende aangetoond. Bovendien formuleert het nu al twee duidelijke eisen voor het gebruik van de camera’s.
De discussie beperkt zich bepaald niet tot Nederland. In de Verenigde Staten neemt namelijk het verzet tegen Flock Safety toe. Dit bedrijf beheert een landelijk netwerk van kentekencamera’s dat agenten onder meer misbruikten om ex-partners te volgen. Nederlandse gemeenten verzamelden intussen zonder wettelijke grondslag informatie over inwoners. Tegelijk onderhandelt de EU over regels voor het scannen van chatberichten. In dit artikel brengt Juristenblog.nl deze ontwikkelingen samen. Daarbij keert één juridische vraag telkens terug: wanneer verandert gericht toezicht in massasurveillance?
Liever snel antwoord? Lees dan de FAQ onderaan het artikel!
Wat is automatische kentekenherkenning en hoe werkt het in Nederland?
Automatische kentekenherkenning (ANPR) is een techniek waarbij camera’s kentekens van passerende voertuigen automatisch uitlezen. De afkorting staat voor Automatic Number Plate Recognition. Het systeem legt het kenteken, het tijdstip en de locatie vast, zodat de politie die gegevens later kan doorzoeken.
Verspreid over Nederland staan op ten minste 1.176 locaties ANPR-camera’s. Automobilisten zien daar doorgaans weinig van. De apparatuur hangt bijvoorbeeld boven snelwegen, langs invalswegen en bij kruispunten. De camera’s registreren ieder passerend voertuig, ook als er geen enkele verdenking tegen de bestuurder bestaat. Automatische kentekenherkenning werkt daarmee anders dan klassieke, gerichte opsporing. De registratie begint immers voordat bekend is wie voor een onderzoek relevant kan zijn.
Automatische kentekenherkenning: de wettelijke basis en het recht op privacy
De juridische grondslag staat in artikel 126jj van het Wetboek van Strafvordering. Op basis daarvan mag de politie kentekengegevens vier weken bewaren. Die termijn geldt voor gegevens van alle passerende voertuigen, dus ook voor auto’s die niet op een zoeklijst voorkomen. Binnen die periode mag de politie de gegevens raadplegen voor de opsporing van ernstige strafbare feiten. Een overval of ontvoering kan daarvoor bijvoorbeeld aanleiding geven.
Voor zo’n raadpleging is een bevel van de officier van justitie vereist. Voorafgaande toestemming van een rechter schrijft de huidige regeling niet voor. Dat onderscheid is juridisch relevant. De officier van justitie behoort namelijk tot het openbaar ministerie, dat zelf bij de opsporing betrokken is, en is geen onafhankelijke rechter.
Bij deze verwerking door de politie is de AVG niet het toepasselijke kader. Daarvoor geldt de Wet politiegegevens. Die bevat onder andere regels over toegang, bewaartermijnen en de rechten van burgers. Daarnaast beschermt artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens het recht op privacy. Een beperking daarvan moet wettelijk zijn voorzien en noodzakelijk zijn in een democratische samenleving. Het eventuele nut van kentekendata vormt daarbij slechts een deel van de beoordeling. Juridisch moet ook vaststaan dat het bewaren van ieders gegevens evenredig is aan het beoogde resultaat.
Automatische kentekenherkenning voor de rechter: wat het hof besliste
Het arrest van 29 september 2026 is nog geen definitief oordeel. Het gaat om een tussenarrest. Over twee onderdelen heeft het hof zich echter al duidelijk uitgesproken. De volledige motivering staat in ECLI:NL:GHDHA:2026:2898.
Privacy First voert al langer een juridische strijd tegen de kentekencamera’s. De organisatie vroeg de rechtbank eerder om de regeling buiten werking te stellen. De rechtbank wees die vordering af. In hoger beroep wil Privacy First daarom een verklaring dat de regeling onrechtmatig is. Ook vraagt de organisatie om een verbod op verder gebruik van de verzamelde gegevens totdat die onrechtmatigheid is weggenomen.
Een definitief oordeel laat nog op zich wachten, maar twee voorwaarden staan voor het hof al vast. De beslissing om op een bepaalde plek een camera neer te zetten, moet onder onafhankelijk toezicht vallen. Voor het raadplegen van opgeslagen gegevens verlangt het hof bovendien voorafgaande toetsing door een rechter.
De bestaande regeling, of in ieder geval de huidige uitvoering, voldoet op die onderdelen niet. Zij biedt op die punten onvoldoende verdragsrechtelijke bescherming van de privacy. Het huidige bevel van de officier van justitie biedt daarvoor kennelijk niet genoeg waarborg.
Over de noodzaak van het systeem mag de Staat nog nadere informatie geven. Het hof wil concreet weten hoeveel betekenis de opgeslagen gegevens voor opsporingsonderzoeken hebben. Ook moet duidelijk worden waarom een bewaartermijn van precies vier weken noodzakelijk is. Die onderbouwing bepaalt of automatische kentekenherkenning in haar huidige vorm kan blijven bestaan. Daarna volgt het eindarrest en beslist het hof eveneens over de gevraagde verklaring van onrechtmatigheid.
Flock Safety: kentekencamera’s als Amerikaans verdienmodel
De Verenigde Staten bieden een beeld van wat kan gebeuren wanneer automatische kentekenherkenning veel breder wordt ingezet. Flock Safety uit Atlanta groeide er snel uit tot de grootste aanbieder. Het bedrijf heeft meer dan 6.000 klanten in alle staten behalve Alaska. In 2025 kreeg Flock een waardering van 7,5 miljard dollar. Het assortiment omvat behalve kentekencamera’s ook drones, detectiesystemen voor geweerschoten en software die verschillende databronnen koppelt. Vooral de commerciële opzet van het netwerk wijkt af van de Nederlandse situatie.
Flock levert de camera’s namelijk niet uitsluitend aan politiekorpsen. Ook bedrijven en buurtverenigingen kunnen klant worden. Flock presenteert het systeem als een landelijk publiek-privaat veiligheidsnetwerk. Politiekorpsen kunnen via een centrale zoekfunctie bovendien camera’s buiten hun eigen staat raadplegen. Zo’n zoekactie kan tienduizenden camera’s tegelijk omvatten.
Daarbij registreren Flock-camera’s meer kenmerken dan het kenteken alleen. De gebruikte AI-software herkent ook merk, model, kleur, bumperstickers en zelfs krassen. Daardoor kan een agent naar een bepaald voertuig zoeken zonder het kenteken te kennen. Politiekorpsen met Flock benadrukken dat het systeem geen gezichtsherkenning gebruikt. De gegevens verdwijnen standaard na 30 dagen. Een voertuig is echter vaak alsnog aan een persoon te koppelen, zeker wanneer andere databronnen beschikbaar zijn. Hierdoor ontstaat een veel gedetailleerder zoekinstrument dan bij traditionele kentekenherkenning. Tegelijk registreren de camera’s mensen die toevallig in beeld komen.
Misbruik van kentekencamera’s: wat er in de praktijk misgaat
Wie toegang tot zo’n registratiesysteem heeft, kan die toegang ook voor persoonlijke doeleinden inzetten. Het Institute for Justice verzamelt voorbeelden in een openbare database over misbruik van kentekencamera’s. Daarin keren verschillende problemen terug. Het gaat onder meer om stalking door politiefunctionarissen, zoekacties over staatsgrenzen en verkeerde resultaten van de software.
Agenten die ex-partners volgden
Stalking door agenten vormt een terugkerend patroon. Justitie klaagde een agent uit Lufkin in Texas op honderd punten aan. Hij zou zijn ex-vriendin en mensen uit haar omgeving ruim 10.000 keer hebben opgezocht. Het systeem zou hij daarmee hebben ingezet voor een persoonlijk doel zonder verband met politiewerk. De plaatselijke politie zette vervolgens alle Flock-camera’s uit.
Een ander geval speelde in Milwaukee. Daar nam in maart 2026 een agent ontslag nadat hij zijn partner en een ex van die partner zou hebben gevolgd. In twee maanden ging het om bijna 180 zoekacties. Zulke zaken komen vaak pas na een klacht naar buiten, omdat korpsen zoeklogs doorgaans achteraf controleren. In augustus 2026 ontstond in Habersham County, Georgia, een vergelijkbare zaak. Een hulpsheriff zou zijn partner via Flock hebben gevolgd. Zijn werkgever ontsloeg hem en justitie vervolgt hem strafrechtelijk.
Flock benadrukt dat de betrokken misbruikers slechts een klein deel uitmaken van zijn 140.000 actieve gebruikers. Dat cijfer zegt echter weinig over de gevolgen van een individueel incident. Een enkele agent met voldoende toegangsrechten kan immers zeer veel informatie over één persoon verzamelen.
Zoekopdrachten zonder grenzen en foute matches
Een hulpsheriff in Johnson County, Texas, startte in mei 2025 een landelijke zoekactie. Bij de reden vermeldde hij dat een vrouw een abortus had gehad en dat hij naar haar zocht. De opdracht doorzocht 6.809 netwerken en meer dan 83.000 camera’s. Daaronder vielen ook camera’s in staten waar abortus wettelijk beschermd is. Twee leden van het Amerikaanse Congres vroegen Flock vervolgens om uitleg.
De sheriff bestreed die lezing overigens. Hij stelde dat de zoekactie betrekking had op een vermiste persoon. Los van dat geschil is duidelijk hoe groot het bereik van één opdracht kan zijn. Staatsgrenzen vormen binnen het netwerk namelijk geen technische grens.
Problemen ontstaan ook zonder opzettelijk misbruik. Agenten in New Mexico hielden bestuurders onder schot nadat kentekencamera’s een verkeerde match hadden gemaakt. Een technische fout kan daarmee onmiddellijk gevolgen hebben voor iemands veiligheid. Bij een systeem op deze schaal kunnen verkeerde herkenningen eveneens een groot bereik krijgen. Eén verkeerd gelezen cijfer of één letter kan ertoe leiden dat agenten een onschuldige automobilist behandelen als verdachte van een geweldsmisdrijf.
Massaal verzet tegen Flock en de reactie van het bedrijf
De reeks misbruikzaken heeft in de Verenigde Staten tot breed maatschappelijk verzet geleid. Inmiddels hebben meer dan 80 gemeenschappen een contract met Flock afgewezen of beëindigd. Rechtshoogleraar Andrew Ferguson spreekt van de eerste aanhoudende afwijzing van een politiesurveillancesysteem in jaren. Tegelijk zetten politiekorpsen andere technologie, waaronder drones en realtime crimecentra, juist steeds vaker in. Ook het gebruik van de 52 Flock-camera’s in Berkeley staat inmiddels ter discussie.
Op sommige plaatsen heeft het protest een hardere vorm aangenomen. Mensen vernielden camera’s op verschillende locaties. De Facebookgroep van DeFlock America heeft inmiddels ruim 800.000 leden. Flock-topman Garrett Langley omschreef de beweging eerder als terroristisch. In juli bood hij excuses aan voor die kwalificatie.
Flock reageerde op 13 augustus 2026 met nieuwe maatregelen. Politieklanten moeten uiterlijk eind 2026 Audit Assistance inschakelen. Deze functie signaleert ongebruikelijke zoekopdrachten. Op dat moment gebruikte ongeveer een derde van de klanten de functie. Het systeem blokkeert voortaan automatisch gebruikers bij wie het mogelijk misbruik signaleert. Een beheerder moet hun toegang daarna opnieuw beoordelen. Toch blijft die controle uiteindelijk bij de klanten van Flock liggen. Het Haagse hof verlangt voor het Nederlandse systeem juist een toets door een rechter vooraf.
Toezicht zonder grondslag: ook Nederlandse gemeenten gingen te ver
De Amerikaanse voorbeelden staan niet volledig los van de Nederlandse praktijk. Ook Nederlandse overheden verzamelden gegevens zonder duidelijke wettelijke basis. Twee zaken laten dat zien. Daarbij ging het om gemeenten en niet om de politie. Juist gemeenten hebben in het dagelijks bestuur veel direct contact met inwoners. Daardoor kan zulke gegevensverzameling hen rechtstreeks raken.
Online monitoring door gemeenten en de reactie van het kabinet
NHL Stenden Hogeschool en de Rijksuniversiteit Groningen publiceerden in 2021 het rapport Black Box van gemeentelijke online monitoring. Van de ondervraagde ambtenaren zei 95 procent dat hun gemeente online monitoring toepaste. Tegelijk gaf 54 procent aan dat daarvoor geen protocol bestond.
Zo bekeken gemeenten Facebookgroepen om informatie te verzamelen over demonstraties en mogelijke ongeregeldheden. Ambtenaren zochten daarnaast op Marktplaats naar bijverdiensten van mensen met een bijstandsuitkering. Ook controleerden gemeenten via sociale media verklaringen van asielzoekers. Ongeveer één op de zes gemeenten gebruikte soms nepaccounts. Die methode is voorbehouden aan politie en inlichtingendiensten. Onderzoeksleider Willem Bantema maakte daarbij onderscheid tussen meekijken en het volgen van personen:
“Maar zodra je individuen stelselmatig gaat volgen, ga je grenzen over.”
Willem Bantema, onderzoeksleider, tegenover de NOS
Zelfs de politie mag iemand in beginsel pas stelselmatig volgen na toestemming van de officier van justitie. Bij de onderzoeksresultaten hoort wel een belangrijke kanttekening. De cijfers komen uit een vragenlijst onder 196 medewerkers van 156 gemeenten. Het betreft dus zelfgerapporteerde werkwijzen van ambtenaren en geen lijst met vastgestelde overtredingen. Bij zeker 23 gemeenten kwamen verzamelde gegevens automatisch in dossiers terecht. Voor inwoners vergroot dat de mogelijke gevolgen van de monitoring.
Het onderzoek leidde vervolgens tot maatregelen. Binnenlandse Zaken maakte samen met de VNG een handreiking voor gemeentelijk online onderzoek. Uit een beslisnota van oktober 2023 blijkt dat de landsadvocaat geen juridische ruimte ziet voor ongericht online onderzoek. Hetzelfde geldt voor monitoringtools. Een latere Kamerbrief bevat daarnaast een vergelijkbare conclusie over radicalisering. Burgemeesters beschikken niet over een wettelijke grondslag om daarvoor online onderzoek naar personen te doen. De algemene bevoegdheid uit de Gemeentewet is bovendien al snel te algemeen als zelfstandige grondslag.
Moskee-onderzoeken en boetes van de AP
Een andere kwestie kwam in 2021 naar buiten. In februari 2026 volgden boetes van de Autoriteit Persoonsgegevens. De toezichthouder legde tien gemeenten ieder een boete van 25.000 euro op. Samen ging het om 250.000 euro. De betrokken gemeenten zijn Delft, Ede, Eindhoven, Gooise Meren, Haarlemmermeer, Hilversum, Huizen, Tilburg, Veenendaal en Zoetermeer.
Na de oorlog in Syrië en de aanslagen in Europa wilden de Rijksoverheid en de NCTV radicalisering steviger lokaal aanpakken. Verschillende gemeenten huurden daarvoor een extern onderzoeksbureau in. Dat bureau bracht moskeebezoekers, hun geloofsovertuiging en onderlinge contacten in kaart. Gemeenten stuurden een deel van de rapporten daarna naar de politie, de NCTV en het ministerie van SZW. AP-voorzitter Aleid Wolfsen formuleerde zijn oordeel over de gemeentelijke rol scherp:
“De gemeenten hadden geen enkele grond om die informatie te hebben.”
Aleid Wolfsen, voorzitter van de Autoriteit Persoonsgegevens
Bij de boetes is één onderscheid essentieel. Ze hebben betrekking op het bezit van de rapporten en niet op het onderzoek waarmee die informatie is verzameld. Dat onderzoek vond namelijk meer dan vijf jaar geleden plaats. Daardoor was de termijn voor een boete over het onderzoek verstreken. Gooise Meren betwist daarnaast het beeld dat sprake was van infiltratie. De gemeente stelt dat de AP daar geen heimelijk onderzoek heeft vastgesteld. Geloof en politieke voorkeur zijn bijzondere persoonsgegevens. Gemeenten mogen die onder artikel 9 AVG vrijwel nooit verwerken. De onderzoeken hebben intussen het vertrouwen geraakt. De Eindhovense burgemeester Jeroen Dijsselbloem erkende die gevolgen eveneens:
“Het onderzoek heeft het vertrouwen geschaad en stigmatiserend gewerkt naar de islamitische gemeenschappen.”
Jeroen Dijsselbloem, burgemeester van Eindhoven
Van kenteken tot chatbericht: Chat Control en massasurveillance in Europa
Chat Control is de informele naam voor het Europese voorstel voor een verordening ter voorkoming en bestrijding van seksueel misbruik van kinderen. Het voorstel verplicht aanbieders van onder meer chatdiensten om misbruikmateriaal op te sporen, te melden en te verwijderen. Critici gebruiken de term omdat het voorstel ook privéberichten raakt.
Terwijl het hof de juridische grenzen rond kentekens onderzoekt, onderhandelt de EU over een veel verdergaande vorm van controle. Het voorstel van de Europese Commissie dateert uit mei 2022. Ook versleutelde diensten zoals WhatsApp en Signal zouden eronder vallen. Bij zulke diensten kan normaal zelfs de aanbieder de inhoud van berichten niet lezen. In de publieke discussie lopen bovendien twee verschillende regelingen geregeld door elkaar.
Chat Control 1.0, 2.0 en de triloog van vandaag
Chat Control 1.0 vormt een tijdelijke uitzondering die aanbieders vrijwillig laat scannen. De regeling liep in april 2026 af. Sinds juli 2026 geldt zij opnieuw, uiterlijk tot 3 april 2028. Daarbij stemden meer Europarlementariërs tegen de regeling dan ervoor. Het aantal tegenstemmen was echter onvoldoende om verlenging te verhinderen.
Chat Control 2.0 is bedoeld als permanente regeling en werkt met verplichte detectiebevelen. Een akkoord ontbreekt nog. De Commissie, het Parlement en de Raad hanteren uiteenlopende posities. Het Parlement wil scanning beperken tot verdachte gebruikers en verlangt een rechterlijk bevel. De Raad wil ruimere mogelijkheden. Het Parlement bepaalde zijn standpunt in november 2023, de Raad pas in november 2025. Voor aanbieders met versleutelde diensten raakt de discussie rechtstreeks aan de werking van hun techniek.
Vandaag staat onder Iers voorzitterschap een zesde en mogelijk beslissende triloog op de agenda. De vijfde onderhandelingsronde in juni leverde geen akkoord op. De Raad hield toen vast aan permanent scannen zonder verdenking. Juristenblog.nl werkt dit artikel bij zodra de uitkomst van de triloog bekend is.
Dezelfde vraag als bij kentekens
Hier ontstaat een duidelijke juridische parallel met de kentekenzaak. Bij beide systemen speelt de keuze tussen algemene controle en gericht onderzoek met voorafgaande rechterlijke toetsing. Voorstanders benadrukken de ernst van online seksueel misbruik van kinderen. Defence for Children vindt vrijwillige detectie onvoldoende. Slachtoffers krijgen immers telkens opnieuw met hun trauma te maken zolang beelden circuleren. Nederland behoort bovendien al jaren tot de grootste hostinglanden van dergelijk misbruikmateriaal.
Critici richten zich vooral op toekomstig gebruik van de infrastructuur. Voormalig AIVD-toezichthouder Bert Hubert waarschuwt dat een bestaand controlesysteem later ook voor andere doeleinden kan dienen. Hij verwijst daarbij naar eerdere ontwikkelingen binnen de opsporing:
“Dat is in de geschiedenis van opsporing nog nooit anders geweest.”
Bert Hubert, technologie-expert en voormalig AIVD-toezichthouder, tegenover EenVandaag
Nederland keerde zich in 2025 nog tegen het voorstel. Intussen valt de overeenkomst met de kentekenprocedure op. Het Europees Parlement verlangt namelijk gerichte inzet en voorafgaande toestemming van een rechter. Het Haagse hof stelt voor het gebruik van opgeslagen kentekengegevens een vergelijkbare eis. De onderhandelingen van vandaag moeten uitwijzen of die lijn binnen Chat Control standhoudt. Mogelijk zijn daarvoor nog verdere rondes nodig.
Kan Flock naar Europa? AVG, AI-verordening en de CLOUD Act
Voor zover bekend gebruiken Nederlandse politiekorpsen Flock Safety niet. Ook in het Verenigd Koninkrijk bestaat geen bevestigde inzet door een politiemacht. Verwarring ontstaat daar soms doordat een Britse verzekeraar dezelfde naam draagt. Toch is de vraag relevant welke juridische obstakels een systeem als Flock in Nederland zou tegenkomen.
Drie juridische drempels
Een belangrijk obstakel is de AVG. Een buurtvereniging die structureel kentekens van voorbijgangers registreert, moet daarvoor een zwaarwegend en aantoonbaar belang hebben. Voor bedrijven geldt dezelfde eis. Zo’n belang is lastig te onderbouwen wanneer de camera ook de openbare weg filmt. De AP benadrukt al jaren dat particulieren de openbare weg in beginsel niet mogen filmen.
Voor de politie gelden daarnaast de Wet politiegegevens en artikel 126jj Sv. Binnen dat wettelijke kader past een landelijk zoeknetwerk van particuliere camera’s niet zonder meer. Structurele aansluiting op camera’s van buurtverenigingen ligt daarom juridisch niet voor de hand.
Ook de AI-verordening werpt een drempel op. Bepaalde AI-systemen voor profilering binnen de opsporing gelden daarin als hoog risico. Daarvoor gelden stevige verplichtingen rond transparantie, menselijk toezicht en documentatie. Functies zoals de vehicle fingerprint van Flock kunnen daardoor eveneens met deze eisen te maken krijgen.
Een rechtstreekse kopie van het Amerikaanse Flock-model ligt in Nederland daardoor niet voor de hand. Uitgesloten is zo’n ontwikkeling echter niet. Wetgeving kan veranderen en overheden blijven zoeken naar technologische middelen tegen criminaliteit. Bij een Amerikaanse leverancier ontstaat bovendien een afzonderlijke vraag over toegang tot opgeslagen gegevens. Die kwestie reikt verder dan alleen de AVG. De moskee-onderzoeken illustreren intussen dat juridische regels pas bescherming bieden wanneer instanties de naleving daadwerkelijk controleren.
Wie kan er via Amerikaans recht bij de data?
Amerikaanse leveranciers blijven onder Amerikaans recht vallen, ook wanneer hun gegevens op Europese servers staan. De CLOUD Act uit 2018 verplicht Amerikaanse aanbieders namelijk gegevens te verstrekken ongeacht de fysieke locatie van de server. Europese regels over toegang en bewaartermijnen sluiten Amerikaanse toegang daardoor niet volledig uit.
Die discussie speelde al vóór de CLOUD Act. Kort na de Snowden-onthullingen bleek in 2014 uit Wob-documenten dat ministeries nauwelijks maatregelen namen tegen mogelijke Amerikaanse toegang tot Nederlandse gegevens. Daarbij kwam onder meer de centrale database met vingerafdrukken aan bod. De leverancier daarvan viel als Amerikaanse dochteronderneming onder Amerikaanse wetgeving. Hoogleraar informatierecht Egbert Dommering wees destijds op de positieve verplichting van de Staat om burgers op eigen grondgebied te beschermen. Hij verbond daaraan een duidelijke conclusie:
“Dat vereist dat er politieke actie wordt ondernomen.”
Egbert Dommering, hoogleraar informatierecht, tegenover De Correspondent (2014)
Het Nederlandse systeem voor automatische kentekenherkenning laat zich op dit punt goed naast het Flock-model leggen. Nederland kent meer formele wettelijke waarborgen. Vooral het toezicht op het gebruik van gegevens verschilt tussen beide systemen:
| Onderdeel | Nederland (ANPR) | Flock-model (VS) |
|---|---|---|
| Wie plaatst camera’s | De overheid, voor opsporing door de politie | Politie, maar ook buurtverenigingen en bedrijven |
| Wettelijke basis | Artikel 126jj Sv en Wet politiegegevens | Contracten met klanten, regels verschillen per staat |
| Bewaartermijn | Vier weken | Vaak 30 dagen, afhankelijk van de klant |
| Toezicht op gebruik | Bevel officier van justitie, hof eist rechter vooraf | Controle achteraf via zoeklogs |
Waarom automatische kentekenherkenning zo ongemakkelijk voelt
De voorbeelden in dit artikel verschillen sterk van elkaar. Amerikaanse stalkingzaken zijn juridisch iets anders dan gemeentelijke dossiers in Nederland. Toch ontstaat in beide situaties een vergelijkbaar gevoel van ongemak. Dat speelt zowel bij de individuele burger als binnen de samenleving.
Automatische kentekenherkenning op persoonlijk niveau
Automatische kentekenherkenning blijft voor veel automobilisten grotendeels onzichtbaar. Je passeert een camera zonder daar iets van te merken. Intussen legt het systeem vast wanneer je naar je werk, familie, een ziekenhuis of een advocaat rijdt. Eén registratie zegt weinig. Een reeks registraties kan echter een herkenbaar patroon van iemands dagelijks leven opleveren.
Daardoor kunnen op zichzelf gewone gegevens toch gevoelig worden. Wie steeds dezelfde route aflegt, bouwt ongemerkt een digitaal reisdagboek op. Een camera in de buurt van een kliniek, moskee of vakbondskantoor kan informatie prijsgeven die iemand zelf niet zou delen. De zaak uit Texas voegt daar nog een andere dimensie aan toe. Gegevens die vandaag zijn verzameld, kunnen later in een andere politieke of juridische context een nieuwe betekenis krijgen.
Daarbij bestaat een duidelijke informatieongelijkheid. De overheid kan terugzien waar een voertuig is geweest. De eigenaar weet ondertussen niet wie zijn gegevens heeft geraadpleegd. Voorafgaande controle biedt daarom een andere bescherming dan toezicht dat pas na gebruik plaatsvindt.
Automatische kentekenherkenning op maatschappelijk niveau
Op maatschappelijk vlak raakt deze discussie aan vertrouwen in de overheid. Gemeentelijke dossiers over moskeebezoekers zonder wettelijke grondslag treffen rechtstreeks de onderzochte personen. Tegelijk kunnen andere burgers zich afvragen of overheidsinstanties hun eigen wettelijke grenzen respecteren. Tilburgse moskeeorganisaties beschouwden de onderzoeken als een teken van structureel wantrouwen. Zij vonden excuses alleen niet voldoende.
Het gevoel voortdurend bekeken te kunnen worden, kan bovendien gedrag beïnvloeden. Mensen kunnen terughoudender worden om te demonstreren, informatie te zoeken of bepaalde locaties te bezoeken. Zo’n effect laat zich moeilijk exact meten. Dat betekent echter niet dat het geen rol speelt. Bij de moskee-onderzoeken kwam daar nog bij dat betrokkenen soms pas jaren later ontdekten wat was gebeurd. Tussen de eerste rapporten en de boetes van de AP zat in sommige gevallen bijna tien jaar.
Daar staat tegenover dat kentekenherkenning bij ernstige strafbare feiten een opsporingsmiddel kan zijn. Slachtoffers hebben vanzelfsprekend belang bij effectieve opsporing. De juridische spanning tussen privacy en bescherming van slachtoffers komt daarom vaker terug. Bij Chat Control speelt daarnaast het belang van kinderen die bescherming tegen misbruik verdienen. De juridische discussie richt zich vooral op de schaal van de controle en de waarborgen rond het gebruik ervan. Het hof, de AP en het Europees Parlement stellen daarbij ieder eisen aan toezicht en begrenzing. Veiligheid en privacy hoeven juridisch dus geen absolute tegenpolen te zijn. Bevoegdheden kunnen wel zo worden ingericht dat hun toepassing gericht, controleerbaar en tijdelijk blijft.
Automatische kentekenherkenning en jouw rechten: wat kun je zelf doen?
Wie over de openbare weg rijdt, kan automatische kentekenherkenning praktisch niet vermijden. Dat betekent niet dat je geen rechten hebt. De Wet politiegegevens geeft je de mogelijkheid de politie te vragen welke persoonsgegevens zij over jou verwerkt. Daarop bestaan uitzonderingen. De politie kan inzage bijvoorbeeld weigeren wanneer die een lopend onderzoek zou belemmeren. Een concreet verzoek, met bijvoorbeeld een kenteken en een afgebakende periode, maakt duidelijker op welke gegevens je doelt.
Peter kan bijvoorbeeld vermoeden dat iemand zijn gegevens ten onrechte heeft geraadpleegd. Hij kan dan een inzageverzoek indienen. Wijst de politie dat af, dan kan hij daarover een klacht indienen bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Die toezichthouder controleert ook de verwerking van persoonsgegevens door de politie.
Bij gemeenten geldt de AVG. Artikel 15 geeft burgers een recht op inzage in hun persoonsgegevens. Dat kan relevant zijn voor iemand die wil weten of een gemeente sociale media heeft gevolgd of een naam in een dossier heeft opgenomen. De eerdere zaken rond online monitoring en nepaccounts maken zo’n vraag concreet. Een gemeente die inzage weigert, moet bovendien uitleggen waarom zij dat doet.
Voor de rapporten over moskeegemeenschappen geldt nog een specifieke beperking. Gemeenten die zulke documenten bewaren, mogen ze alleen nog inzetten om gedupeerden bij schadeclaims te helpen. Na afhandeling van die claims moeten de gemeenten de rapporten vernietigen.
Hulp en meer informatie over privacy en kentekenherkenning
Wie vragen heeft over privacy, inzage wil aanvragen of een klacht over een overheidsinstantie overweegt, kan daarvoor ondersteuning krijgen. Verschillende organisaties bieden kosteloos informatie of advies. Sommige instanties kunnen daarnaast een formele klacht behandelen. Hiervoor kun je onder meer terecht bij:
- Autoriteit Persoonsgegevens: autoriteitpersoonsgegevens.nl, tel: 088 180 5250. Het Informatie- en Meldpunt Privacy beantwoordt vragen over je privacyrechten en neemt klachten over politie en gemeenten in behandeling.
- Politie: politie.nl, tel: 0900 8844. Hier kun je terecht met een verzoek om inzage in de gegevens die de politie over jou verwerkt.
- Het Juridisch Loket: juridischloket.nl, tel: 0900 8020. Het Juridisch Loket geeft gratis juridisch advies, ook over privacy en je rechten tegenover de overheid.
- Nationale ombudsman: nationaleombudsman.nl, tel: 0800 335 5555. Hier kun je klagen over de manier waarop een overheidsinstantie jou heeft behandeld.
Wie wil klagen over het optreden van de politie, moet de klacht eerst bij de politie indienen. Als de afhandeling daarna niet naar tevredenheid is, kan de Nationale ombudsman worden benaderd.
Bij een privacyklacht over een gemeente ligt het voor de hand eerst de functionaris gegevensbescherming van die gemeente te benaderen. Leidt dat niet tot een bevredigende oplossing, dan kun je naar de Autoriteit Persoonsgegevens. Bewaar kopieën van zowel het verzoek als de ontvangen reactie. Daarmee blijft later aantoonbaar wat je hebt gevraagd en op welke datum. Ook de wettelijke termijnen zijn relevant. Onder de AVG moet een organisatie in de regel binnen een maand reageren op een inzageverzoek.
Veelgestelde vragen over automatische kentekenherkenning
Geschreven door Max Paul, LL.B. - Jurist bij XY Legal Solutions
Over Juristenblog.nl
Het team van Juristenblog.nl bestaat uit ervaren juristen. Wekelijks wordt onderzoek gedaan naar interessante onderwerpen waarover geschreven kan worden. Vervolgens schrijft de jurist met de meeste kennis van het onderwerp de betreffende blog. Op deze manier blijft ons concept up-to-date en relevant.
Gerelateerde berichten
Schrijf je in & Blijf op de hoogte
Laat hieronder je e-mailadres achter en ontvang elke maandagochtend een overzicht van de meest recente berichten die op juristenblog.nl zijn verschenen.
We spammen niet. Je kunt je op ieder moment uitschrijven.






