Op 1 oktober 2021 opende de legale online kansspelmarkt in Nederland haar deuren. De belofte was helder. Door een aantrekkelijk vergund aanbod te creëren, zouden spelers worden weggeleid van de ongereguleerde markt. Bovendien zou spelersbescherming afdwingbaar worden en zouden de tot dan toe misgelopen belastinginkomsten eindelijk in de staatskas vloeien. Vijf jaar later, op 1 oktober 2026, verlopen die eerste vergunningen. De eerste vergunde aanbieders worden opnieuw beoordeeld, de wetgeving staat in de steigers voor grondige herziening en de illegale markt is, ondanks alle inspanningen, in omvang eerder gegroeid dan gekrompen. In dit artikel van Juristenblog.nl maken we de balans op: wat werkte, wat schoot tekort en wat staat er nu op het spel?
De opening in 2021: Nederland kiest voor regulering boven verbod
Vóór 1 oktober 2021 speelde naar schatting een miljoen Nederlanders online kansspelen bij buitenlandse, onvergunde aanbieders. Een wettelijk verbod bleek in de praktijk nauwelijks handhaafbaar: partijen waren offshore gevestigd, buiten het bereik van Nederlandse toezichthouders, en bleven actief ondanks boetes van de Kansspelautoriteit. De wetgever koos daarom voor een andere strategie, namelijk kanalisatie: door een aantrekkelijk, transparant en goed gereguleerd aanbod te bieden, zouden spelers vanzelf kiezen voor vergunde aanbieders waar beschermingsregels wél gelden. Op 30 september 2021 verleende de Kansspelautoriteit (Ksa) de eerste tien vergunningen. Aanvragen kwamen van zowel internationaal ervaren aanbieders als Nederlandse partijen met een achtergrond in fysieke kansspelen.
De toelatingseisen waren streng. Vergunde aanbieders zijn namelijk verplicht het Centraal Register Uitsluiting Kansspelen (CRUKS) te raadplegen vóór elke deelname, een verslavingspreventiebeleid te voeren, de identiteit van spelers te controleren en speellimieten te hanteren. Daarmee onderscheidde het Nederlandse stelsel zich van de meeste buitenlandse aanbieders waarop spelers vóór 2021 waren aangewezen: vrijwel geen van die platforms had enige verplichting jegens Nederlandse spelers.
Twee van de tien oorspronkelijke vergunninghouders, namelijk LiveScore Bet en Tombola, verlieten de markt op eigen verzoek in december 2024. De overige acht bereidden zich voor op de tweede vergunningsronde. In de zomer van 2026 ontvingen alle acht een nieuwe vijfjaarsvergunning voor de periode 2026-2031: TOTO Online, Holland Casino Online, Fair Play Online, Kansino, Bingoal, bet365, GGPoker en BetCity.
Wat is de Wet Kansspelen op Afstand (Wet KOA)?
De Wet Kansspelen op Afstand trad op 1 april 2021 formeel in werking. Op 1 oktober 2021 ging de markt daadwerkelijk open: de Kansspelautoriteit verleende de eerste vergunningen en aanbieders mochten starten. De wet verplicht aanbieders onder meer tot raadpleging van CRUKS, het voeren van een zorgplichtbeleid, het hanteren van speellimieten en het naleven van reclameregels. Vergunningen worden verleend door de Kansspelautoriteit voor een maximale duur van vijf jaar. Na afloop moet een aanbieder een volledig nieuwe aanvraag indienen, automatische verlenging bestaat niet.
| Datum | Mijlpaal |
|---|---|
| 1 oktober 2021 | Opening legale online gokmarkt; eerste tien vergunningen verleend |
| 1 juli 2023 | Fase 1 Besluit Orka: verbod op tv-, radio- en buitenreclame door vergunde aanbieders |
| 1 juli 2024 | Fase 2 Besluit Orka: verbod op sponsoring van evenementen en televisieprogramma’s |
| 1 oktober 2024 | Regeling speellimieten en bewuster speelgedrag en Beleidsregel verantwoord spelen 2024 in werking; verplicht contactmoment bij stortingslimiet boven €350/maand (24+) of €150/maand (18-23); nettostortingsgrens van €700/maand (24+) en €300/maand (18-23) |
| 5 november 2024 | Evaluatie Wet KOA (Dialogic/WODC) aangeboden aan de Tweede Kamer |
| 1 januari 2025 | Kansspelbelasting verhoogd van 30,5% naar 34,2% |
| 14 februari 2025 | Beleidsvisie Struycken: 13 maatregelen voorgesteld, waaronder leeftijdsgrens 21 jaar |
| 1 juli 2025 | Fase 3 Besluit Orka: volledig verbod sportsponsoring door vergunde aanbieders |
| 1 januari 2026 | Kansspelbelasting verhoogd naar 37,8% |
| 1 oktober 2026 | Eerste KOA-vergunningen verlopen; start tweede vergunningsperiode |
De markt in cijfers: vijf jaar groei, krimp en stabilisatie
De eerste resultaten na de opening in oktober 2021 waren beter dan verwacht. Al in het vierde kwartaal van dat jaar bedroeg het brutospelresultaat (BSR) van vergunde aanbieders €186 miljoen. In 2022 groeide de markt snel door naar ruim €1 miljard op jaarbasis, gevoed door een grote groep spelers die eerder illegaal of helemaal niet speelde maar nu bij een vergunde aanbieder terechtkwam. Die snelle opbouw bewees dat de kanalisatielogica werkte: zodra een legaal aanbod beschikbaar was, kozen spelers er massaal voor.
Die vroege succesperiode verdient bovendien nuancering. De kanalisatiegraad bereikte in 2022 namelijk ruim 80 procent, waarmee het driejaardoel van de Kansspelautoriteit ruimschoots werd overtroffen. Vergunde aanbieders droegen via de kansspelbelasting substantiële belastinginkomsten af aan de staatskas, belastinginkomsten die vóór 2021 volledig buiten beeld bleven. Tegelijkertijd gold dat de opbouwfase gepaard ging met intensieve marketing en brede bekendheid, omstandigheden die later tot aanscherping van reclameregels leidden.
Groei en het effect van nieuwe beschermingsregels (2022-2024)
In 2023 groeide het BSR met 28 procent door naar €1,39 miljard. In 2024 vlakte die ontwikkeling namelijk af: de stijging bedroeg nog slechts 8 procent. De stortingslimieten die in oktober 2024 werden ingevoerd droegen duidelijk aan die afremming bij. Sindsdien geldt bij vergunninghouders een maximum van €700 netto per kalendermaand, met lagere grenzen voor jongvolwassenen. Tegelijk daalde het gemiddelde maandverlies per speler van €160 in het eerste halfjaar van 2024 naar €117 in het eerste halfjaar van 2025. Het aantal actieve spelersaccounts nam ondertussen toe van 1,29 miljoen per maand in H1 2025 naar 1,38 miljoen in H2 2025. Dat wijst erop dat het speelgedrag per account afnam, zonder dat spelers op grote schaal volledig stopten.
| Periode | BSR (circa) | Ontwikkeling |
|---|---|---|
| Q4 2021 | €186 mln | Opening markt |
| 2022 | €1,08 mrd | Eerste vol jaar |
| 2023 | €1,39 mrd | +28% |
| 2024 | circa €1,5 mrd | +8% |
| 2025 | circa €1,2 mrd | -18,5% |
| H1 2025 | €600 mln | Illegale BSR overtreft legale |
| H2 2025 | €602 mln | Markt stabiliseert |
Omslag: krimp op de legale markt, groei elders (2025-2026)
In 2025 kromp de legale markt met 18,5 procent. Striktere stortingslimieten drukten het BSR, terwijl vergunninghouders tegelijkertijd met een fors hogere kansspelbelasting werden geconfronteerd. Niet alle verdwenen spelersactiviteit betekende dat er minder werd gegokt: een deel verschoof naar aanbieders zonder vergunning. In de eerste helft van 2025 werd dat al zichtbaar. De illegale brutospelomzet (€617 miljoen) oversteeg voor het eerst de legale (€600 miljoen). Wie bij een illegale aanbieder speelt, valt daarmee buiten de Nederlandse regels voor spelersbescherming. De Kansspelautoriteit noemde dat een zorgelijke ontwikkeling, omdat spelers op de illegale markt veel minder goed worden beschermd.
Daarbij is het essentieel onderscheid te maken tussen twee verschillende maatstaven voor kanalisatie: in termen van spelers en in termen van geld. Gemeten naar het aantal spelers blijft de kanalisatiegraad opmerkelijk hoog: 91 tot 95 procent van de Nederlanders die online kansspelen beoefent, doet dat uitsluitend of voornamelijk bij vergunde aanbieders. Gemeten naar het brutospelresultaat (BSR) ligt de kanalisatiegraad beduidend lager. De voorjaarsmonitoringsrapportage 2026 van de Kansspelautoriteit stelt de BSR-kanalisatiegraad na correctie namelijk op 53 procent, een langzaam dalende trend. Dat verschil is geen toeval. Illegale spelers lijden immers gemiddeld aanzienlijk hogere verliezen dan legale spelers. Het zijn er in aantallen weinig, maar zij vertegenwoordigen een disproportioneel groot deel van het totale geldvolume. De brede massa van Nederlandse gokkers kiest legaal, maar spelers met de hoogste inzetten wijken vaker uit naar het ongereguleerde circuit waar geen stortingslimieten gelden, geen draagkrachttoetsen worden gedaan en bijvoorbeeld betaald kan worden met crypto.
Binnen de vergunde markt stabiliseerde de situatie in de tweede helft van 2025. Het BSR bedroeg €602 miljoen, vrijwel gelijk aan de €600 miljoen van het eerste halfjaar. Het aantal actieve spelersaccounts steeg wel: van gemiddeld 1,29 miljoen per maand in H1 2025 naar 1,38 miljoen in H2 2025. Dat de accounts toenamen terwijl het BSR stabiel bleef, wijst er mogelijk op dat een deel van de spelers meer accounts is gaan gebruiken om de stortingslimiet per account te omzeilen. Daarmee is de markt weliswaar kleiner dan op het hoogtepunt, maar ook stabieler.
Voor individuele spelers laat de rapportageperiode een lichte stijging zien van het gemiddelde maandverlies: van €117 in het eerste halfjaar van 2025 naar €124 in het tweede halfjaar. Dat is nog altijd lager dan de €160 van vóór de invoering van de nieuwe beschermingsmaatregelen in oktober 2024. Per spelersaccount lag het gemiddelde verlies in H2 2025 namelijk op €73 per maand, met een mediaan van €47, wat aangeeft dat een kleine groep spelers met hoge verliezen het gemiddelde omhoogtrekken. Die concentratie is door de stortingslimieten wel afgenomen ten opzichte van eerdere jaren.
Spelersbescherming: wat werkt en waar schoot het tekort
Spelersbescherming was de centrale belofte van de Wet KOA. Het stelsel rust daarvoor op drie pijlers: het CRUKS-uitsluitingsregister, de individuele zorgplicht van aanbieders en de speellimietenregulering. In november 2024 publiceerde onderzoeksbureau Dialogic in opdracht van het WODC een 198 pagina’s tellende evaluatie, aangeboden aan de Tweede Kamer als Kamerstuk 24557, nr. 244. De algemene conclusie was dat de Wet KOA heeft geleid tot een betrouwbaarder aanbod en meer controlemogelijkheden dan vóór 2021, maar dat de bescherming van spelers op onderdelen nog onvoldoende is uitgewerkt.
CRUKS en vroege interventie: een werkend fundament
CRUKS geldt als het meest effectieve onderdeel van het beschermingsstelsel. Vergunde aanbieders zijn wettelijk verplicht het register te raadplegen vóór elke deelname, en het systeem geldt voor zowel online als fysieke kansspelen. Het totale aantal geregistreerden bereikte op 30 januari 2026 de grens van 111.534, terwijl de netto groei stabiel blijft op gemiddeld 2.000 nieuwe inschrijvingen per maand. Bovendien dienden vergunninghouders in H2 2025 aanzienlijk meer kennisgevingen in voor onvrijwillige CRUKS-registraties dan in voorgaande perioden, waarschijnlijk omdat de Ksa hen hierop nadrukkelijk heeft aangesproken. Toch zijn er grenzen aan wat vroege interventie via aanbieders kan bereiken. Uit een onderzoek van de Kansspelautoriteit naar de zorgplichtpraktijk bleek dat vijf van de zes onderzochte vergunde aanbieders weinig respons kregen op uitnodigingen voor een persoonlijk gesprek met spelers die risicovolle gedragspatronen vertoonden. De drie aanbieders die een percentage konden noemen, meldden een responspercentage van slechts 15 tot 30 procent. De evaluatie concludeerde daarbij dat de zorgplicht volledig bij commerciële partijen neerleggen inherent een spanning oplevert: aanbieders hebben er commercieel belang bij dat spelers actief blijven, terwijl de zorgplicht soms vraagt dat zij actief ingrijpen. De evaluatie beveelt aan te onderzoeken hoe onafhankelijke expertise structureel in de zorgplichtuitvoering kan worden ingebracht.
Kwetsbare groepen: jongvolwassenen en minderjarigen
Jongvolwassenen van 18 tot 23 jaar vormen een bijzondere aandachtsgroep. In de tweede helft van 2025 waren zij verantwoordelijk voor 10,2 procent van het totale BSR, goed voor €61 miljoen. Zij bezitten bovendien 22 procent van alle actieve spelersaccounts, terwijl hun aandeel in de volwassen bevolking slechts 9,3 procent bedraagt. Tegelijk verloren zij per account gemiddeld €34 per maand, ruim de helft minder dan de €73 die oudere spelers per account verloren. Uit verslavingszorgcijfers van het Landelijk Alcohol en Drugs Informatie Systeem (LADIS) blijkt dat in 2024 in totaal 2.708 mensen voor gokproblematiek werden behandeld, ruim 10 procent meer dan de 2.456 in 2023, zo bevestigt het jaarlijks overzicht van onderzoek naar gokken van het Trimbos-instituut.
Aanvullend bleek uit een meting van het WODC naar deelname aan kansspelen in 2025 dat onder 16- en 17-jarigen het aandeel dat online aan kansspelen deelnam gestegen was van 12 naar 20 procent, terwijl legale deelname voor hen wettelijk niet mogelijk is. Dit samen met het percentage aan speelaccounts van jongvolwassenen was mede aanleiding voor staatssecretaris Struycken om in zijn beleidsvisie van februari 2025 een verhoging van de minimumleeftijd voor risicovolle kansspelen naar 21 jaar voor te stellen.
De rapportage laat ook een genuanceerder beeld zien van het risicoprofiel van jongvolwassenen. Zij spelen per account gemiddeld op minder dagen per maand (4 dagen vs. 5,8 voor oudere spelers) en hun verliezen zijn gelijkmatiger verdeeld: het mediane verlies van €33 per account ligt dicht bij het gemiddelde van €34, wat betekent dat extreme verliezen bij jongvolwassenen minder voorkomen dan bij de totale spelerspopulatie.
Het Besluit Orka: gokreclame stap voor stap verboden
Het Besluit Ongerichte Reclame Kansspelen op Afstand, kortweg Besluit Orka, voerde een gefaseerd verbod in op reclame door vergunde online kansspelaanbieders. Fase 1 trad op 1 juli 2023 in werking en verbood ongerichte reclame op televisie, radio en in de openbare ruimte. Fase 2 volgde op 1 juli 2024 en breidde dat uit naar sponsoring van evenementen en televisieprogramma’s. Fase 3, die op 1 juli 2025 in werking trad, voltooide het systeem: vergunde aanbieders mogen sindsdien geen sportclubs, sportwedstrijden of individuele sporters meer sponsoren. Bestaande contracten die vóór 1 juli 2023 waren gesloten, maakten gebruik van een overgangsperiode die eveneens op 1 juli 2025 definitief afliep.
Opmerkelijk is dat het verbod uitsluitend van toepassing is op vergunde aanbieders van kansspelen op afstand. Loterijen zoals Eurojackpot en de Vriendenloterij vallen buiten de reikwijdte van het Orka-besluit, omdat zij wettelijk als laag-risicoaanbod worden aangemerkt. Dat leidt tot een zichtbaar ongelijk speelveld: grote loterijen mogen doorgaan met brede sponsoring, terwijl vergunde online aanbieders volledig uit het sportlandschap zijn geweerd. In landen als België, Duitsland en Engeland geldt bovendien nog steeds dat online gokbedrijven sportcompetities mogen sponsoren, wat een Europees ongelijk speelveld creëert.
Het politieke debat over gokreclame hield ook na de invoering van fase 3 aan. Een motie van Kamerlid Boswijk (CDA) om een totaalverbod op alle gokreclame in te voeren haalde in februari 2025 geen meerderheid: het voorstel vergaarde 70 van de 150 stemmen. Zijn opvolgster als beleidsverantwoordelijk staatssecretaris, Claudia van Bruggen, kondigde in juni 2026 toch aan te werken aan een stelsel waarbij alle reclame voor kansspelen standaard verboden is, tenzij nadrukkelijk toegestaan. Daarbinnen zouden nog twee uitzonderingen gelden voor vergunde aanbieders in gerichte omgevingen, zodat spelers die actief zoeken naar legaal aanbod dat aanbod ook kunnen onderscheiden van het illegale circuit. Begin 2026 publiceerde de Kansspelautoriteit ook een nieuwe leidraad om vergunninghouders duidelijkheid te geven over de interpretatie van het bestaande reclameverbod in grensgevallen.
Handhaving door de Kansspelautoriteit
De handhaving door de Kansspelautoriteit is de afgelopen vijf jaar aanzienlijk in schaal en intensiteit toegenomen. Het aantal sanctiebesluiten steeg, de boetebedragen namen daarmee toe en de Ksa ontwikkelde zich tot een toezichthouder die zowel vergunde als onvergunde partijen actief controleert. De totale boetes varieerden sterk per jaar, mede afhankelijk van enkele omvangrijke individuele zaken. Onderstaande tabel splitst de sanctietotalen namelijk uit naar vergunde aanbieders enerzijds en onvergunde, illegale partijen anderzijds: een onderscheid dat essentieel is om de handhavingspraktijk goed te lezen.
| Jaar | Vergunde aanbieders | Illegale aanbieders | Totaal |
|---|---|---|---|
| 2021 | n.b. | ~€2,2 mln | ~€2,2 mln |
| 2022 | n.b. | n.b.* | n.b.* |
| 2023 | ~€6,7 mln | ~€29,4 mln | ~€36,1 mln |
| 2024 | ~€0,8 mln | ~€20 mln | ~€20,8 mln |
| 2025 | €8,6 mln | €31,2 mln | €39,8 mln |
| 2026 (t/m jul) | ~€1,4 mln | ~€34,2 mln | ~€35,6 mln |
* De Ksa legde in december 2022 ruim €26 miljoen aan boetes op aan vijf illegale aanbieders. Deze besluiten werden conform Ksa-beleid pas in het voorjaar van 2023 openbaar gemaakt en tellen daarmee mee in de publicatiejaarcijfers van 2023. Bedragen voor vergunde aanbieders in 2022 zijn niet afzonderlijk gepubliceerd. Cijfers 2025 zijn afkomstig uit het officiële jaarverslag van de Kansspelautoriteit; overige jaren zijn gebaseerd op gepubliceerde sanctiebesluiten.
Bedragen zijn afgerond op basis van gepubliceerde sanctiebesluiten van de Kansspelautoriteit. Jaarcijfers zijn immers inclusief lasten onder dwangsom en bestuurlijke boetes. n.b. = niet beschikbaar als afzonderlijk gepubliceerd bedrag voor die categorie.
Toezicht op vergunde aanbieders: zorgplicht als afdwingbare norm
De Kansspelautoriteit intensiveerde het toezicht op de zorgplicht van vergunde aanbieders. Twee zaken springen eruit vanwege hun omvang en precedentwerking. In december 2025 legde de Ksa een recordboete van €4 miljoen op aan Unibet wegens structurele tekortkomingen in de zorgplicht over de periode juli 2022 tot juli 2024. Eerder, in oktober 2025, ontving BetCity een boete van €2,65 miljoen voor onvoldoende bescherming van jongvolwassenen in de beginjaren van de markt. Beide sancties betroffen overtredingen die zijn begaan in een periode dat de zorgplichtnormen nog in ontwikkeling waren, wat de precedentwerking des te relevanter maakt voor de huidige markt. De BRVKOA 2026 bepaalt namelijk uitdrukkelijk dat eerdere overtredingen bij de herbeoordeling voor een nieuwe vergunning worden meegewogen, ook als een beroepsprocedure nog loopt, een juridisch patroon dat al na drie jaar legalisering zichtbaar was in de sanctiepraktijk van de Ksa.
Aanpak van illegale aanbieders: hoge boetes, lage inning
Illegale aanbieders die zonder vergunning actief zijn op de Nederlandse markt, die geen leeftijdscontroles uitvoeren en geen enkele beschermingsregel naleven, ontvingen de afgelopen jaren de zwaarste boetes. In februari 2024 legde de Ksa bijna €20 miljoen op aan Gammix Limited wegens het actief benaderen van Nederlandse spelers zonder vergunning en zonder enige leeftijdsverificatie. In maart 2026 volgde een boete van €24,8 miljoen aan Novatech Solutions voor de platforms Qbet en 55Bet, en in juni 2026 een boete van €3,08 miljoen aan Chestoption voor het platform Vave.com. Dertien affiliates die reclame maakten voor onvergunde kansspelen kregen bovendien lasten onder dwangsom opgelegd. Drie partijen achter het platform CasinoScout ontvingen elk een last onder dwangsom van €75.000 per week bij voortduring van de overtreding.
Het structurele probleem bij de handhaving van illegale aanbieders is de inning. Van de circa €56 miljoen aan boetes die de Ksa in vier jaar oplegde aan onvergunde partijen, werd minder dan €1,5 miljoen daadwerkelijk geïnd. De meeste beboete partijen zijn namelijk gevestigd in jurisdicties buiten de Europese Unie, waar Nederlandse handhavingsbevoegdheden niet gelden/niet effectief zijn en bedrijven zich makkelijk kunnen verschuilen.
De Kansspelautoriteit erkent dit handhavingstekort en werkt daarom aan intensievere samenwerking met Europese toezichthouders en Europol. Staatssecretaris Van Bruggen kondigde daarbij aan de normadressaat van de Wet op de kansspelen te willen uitbreiden, zodat ook tussenpartijen in de reclameketen, zoals marketingbedrijven en advertentieplatforms, direct kunnen worden aangesproken. Dat zou het namelijk mogelijk maken om illegale operators ook via hun Nederlandse verdienmodel te treffen, ook wanneer de operator zelf offshore buiten bereik blijft.
De kansspelbelasting: fiscale druk met onbedoeld effect
De kansspelbelasting werd in twee stappen verhoogd: van 30,5 procent naar 34,2 procent per 1 januari 2025, en vervolgens naar 37,8 procent per 1 januari 2026. De verwachte meeropbrengst bedroeg circa €202 miljoen per jaar. De daadwerkelijke uitkomst in 2025 was echter dat de belastingopbrengst met circa €43,5 miljoen lager uitviel dan in 2024, in plaats van hoger. Een administratieve verschuiving van €95 miljoen vanwege inningsvertragingen verhoogde de beraming voor 2026 weliswaar op papier, maar die eenmalige correctie verandert niets aan het feit dat de belastingopbrengst in 2025 lager uitviel dan in 2024, zoals het ministerie van Financiën in juni 2026 aan de Kamer rapporteerde.
Het mechanisme achter dat resultaat is niet moeilijk te verklaren. Een hogere belasting op het brutospelresultaat verlaagt de theoretische uitkeringspercentages van vergunde aanbieders, waardoor hun aanbod financieel minder aantrekkelijk wordt ten opzichte van illegale platforms die geen belasting afdragen en daardoor hogere uitkeringen kunnen bieden. Een deel van de spelers die vertrok bij vergunde aanbieders belandde daarmee precies in het circuit dat de wetgever juist wilde uitbannen. Staatssecretaris Heijnen hield in 2025 vast aan de doorvoering van de tweede belastingverhoging: terugdraaien zou de staatskas €84 miljoen kosten, een positie die hij ondanks de tegenvallende belastingopbrengst handhaafde. De vraag of een bevriezing of verlaging van het tarief alsnog aan de orde komt, wordt verder uitgewerkt in dit artikel.
Op Prinsjesdag 15 september 2026 presenteerde het kabinet het Belastingplan 2027. Een verdere verhoging van de kansspelbelasting maakt daar geen deel van uit. De evaluatie van de eerder doorgevoerde verhogingen was voor het derde kwartaal van 2026 toegezegd en zal richtinggevend zijn voor de besluitvorming over het belastingtarief in 2027 en de jaren daarna. In de Tweede Kamer loopt daarnaast een debat over tariefsdifferentiatie in de kansspelbelasting: een lager tarief voor laag-risicokansspelen en een hoger tarief voor hoog-risicovormen zou de fiscale structuur beter kunnen laten aansluiten bij de doelstellingen van het kansspelbeleid. Ook de Eerste Kamer stelde in juni 2026 gerichte vragen over de werking van de speellimieten en de reikwijdte van het reclameverbod.
De illegale markt: een sector die bewust buiten toezicht opereert
Illegale aanbieders die actief zijn op de Nederlandse markt doen dat bewust en structureel zonder vergunning, zonder leeftijdscontroles, zonder CRUKS-raadpleging en zonder enige verplichting tot spelersbescherming. Ze bereiken Nederlandse consumenten via meerdere kanalen tegelijk. Denk aan iDEAL-betalingsmogelijkheden die een schijn van legaliteit wekken, app-pushnotificaties die dagelijks worden verstuurd aan gebruikers van gedownloade apps en influencer-netwerken die zich via social media richten op jonge doelgroepen. Waar een vergunde aanbieder verplicht is een speler met risicovolle gedragspatronen te benaderen voor een beschermingsgesprek, negeren illegale platforms dergelijke signalen doelbewust. Er is namelijk geen toezichthouder die hen daartoe verplicht.
De omvang van het probleem overstijgt de Nederlandse markt ruimschoots. Uit een studie van Gambling Compliance International, gepresenteerd tijdens een rondetafelgesprek in het Europees Parlement op 2 juli 2026, bleek dat meer dan 6.200 illegale operators actief Europese spelers benaderen. Hun gecombineerde brutospelomzet bedroeg in 2025 circa €91,6 miljard, een stijging van circa 14 procent ten opzichte van het jaar ervoor. De EU-lidstaten lopen daardoor jaarlijks circa €22,9 miljard aan belastinginkomsten mis. Op nationaal niveau constateerde de Kansspelautoriteit dat spelers op illegale platforms werkelijk geen enkele bescherming genieten. Er zijn namelijk geen limieten, geen uitsluitingsmogelijkheden, geen verificatie van de eerlijkheid van spellen en geen meldplicht bij problematisch gedrag. De Nationaal Rapporteur Verslavingen bepleitte bij het Kamerdebat over illegale goksites een bredere en langdurigere overheidsinzet, vergelijkbaar met de decennialange aanpak van tabaks- en alcoholgebruik.
Een bijzonder kwalijk onderdeel van het illegale verdienmodel is daarbij de rol van illegale affiliatienetwerken: websites en influencers die bewust Nederlandse spelers doorverwijzen naar onvergunde platforms, vaak via misleidende vergelijkingssites of aanbiedingen die op vergunde aanbieders lijken. Staatssecretaris Van Bruggen kondigde aan de wet zo te willen aanpassen dat ook affiliates en advertentieplatforms direct aansprakelijk gesteld kunnen worden, los van de operator die het onvergunde aanbod exploiteert. Daarmee zou de handhaving eveneens doorwerken in het Nederlandse deel van de verdienmodel-keten van illegale operators, ook als de operator zelf offshore buiten bereik blijft.
Daarbij is een belangrijk onderscheid te maken tussen illegale affiliatie en legale vindbaarheid. In haar Kamerbrief van 12 juni 2026 over de richtinggevende keuzes rond kansspelen op afstand zonderde Van Bruggen expliciet twee situaties uit van het aangekondigde reclameverbod: vergunde aanbieders mogen reclame blijven maken op hun eigen website, en zij mogen zichtbaar blijven in zoekresultaten bij expliciete zoekopdrachten naar online kansspelen. Hierin wordt legale affiliatie expliciet genoemd als middel om de illegale zoekresultaten tegen te gaan. Die uitzondering is bewust en gemotiveerd. Een volledig verbod zonder deze uitzondering zou averechts werken: spelers die actief zoeken naar een vergund gokplatform zouden bij afwezigheid van legale aanbieders in de zoekresultaten automatisch uitwijken naar het ongereguleerde aanbod. Legale affiliatie ten behoeve van vindbaarheid is daarmee een kanalisatie-instrument, geen omzeiling van het reclamebeleid. Het onderscheid zit in de intentie en de bestemming van het verkeer, naar vergunde aanbieders sturen is beleid, naar onvergunde aanbieders sturen is overtreding.
De balans na vijf jaar en wat nu op het spel staat
Vijf jaar online gokken Nederland heeft onmiskenbaar iets opgeleverd. Er bestaat voor het eerst een gecontroleerd, transparant legaal aanbod waar spelers wettelijk aanspraken kunnen ontlenen aan bescherming. CRUKS functioneert als uitsluitingsinstrument en wordt maandelijks actiever gebruikt. Vergunde aanbieders worden gecontroleerd op zorgplicht, anti-witwasbeleid en reclamenaleving. De kansspelbelasting genereerde miljarden voor de staatskas die vóór 2021 volledig buiten het zicht van de overheid bleven. En het feit dat alle acht overgebleven aanbieders inmiddels een nieuwe vijfjaarsvergunning hebben ontvangen, toont dat een stabiele, gereguleerde markt voor de lange termijn haalbaar is, op voorwaarde dat aanbieders aan de gestelde eisen blijven voldoen. Wie wil weten welke aanbieders een geldige vergunning hebben en hoe zij zich onderscheiden van onvergunde aanbieders die illegaal op de Nederlandse markt actief zijn, vindt dat antwoord overigens op Juristenblog.
Tegelijkertijd zijn er onderdelen van het beleid die hun doelstelling (nog) niet bereikt hebben. De canalisatiedoelstelling is na vijf jaar niet duurzaam gehaald: in de eerste helft van 2026 was de illegale markt in termen van uitgave zelfs groter dan de legale. De Dialogic-evaluatie concludeerde dat de zorgplicht, zoals oorspronkelijk ingericht, de structurele spanning tussen commercieel belang en spelersbescherming onvoldoende wegneemt. En de verhogingen van de kansspelbelasting hadden een averechts fiscaal effect. Dat zijn echter geen argumenten tégen regulering, maar voor een scherpere, effectievere en consistentere invulling van het bestaande stelsel. Immers, het alternatief voor een goed werkend vergund aanbod is niet geen gokken, maar gokken op illegale platforms zonder enige bescherming.
De aankomende wetsherziening biedt daarvoor ruimte. Staatssecretaris Van Bruggen werkt aan een pakket van dertien maatregelen. De meest ingrijpende zijn: een minimumleeftijd van 21 jaar voor risicovolle kansspelen, een centrale stortingslimiet per speler over alle aanbieders heen en een nagenoeg totaalverbod op online gokreclame. Bovendien krijgt de Kansspelautoriteit uitgebreidere handhavingsbevoegdheden, ook richting schakels in de reclameketen zoals marketingbedrijven en platforms. Of die maatregelen het gewenste evenwicht brengen tussen een aantrekkelijk legaal aanbod en effectieve spelersbescherming, zal de komende vijf jaar moeten uitwijzen.
Hulp nodig bij gokproblemen voor jezelf of voor een ander? Neem dan contact op met één van de onderstaande organisaties:
- OpenOverGokken: www.openovergokken.nl, 24/7 bereikbaar voor informatie, advies en hulp bij gokproblemen — ook voor familie en naasten. OpenOverGokken is het officiële platform van de Kansspelautoriteit en verving in september 2025 Loket Kansspel.
- CRUKS, gokstop aanvragen: www.cruksregister.nl, schrijf jezelf (of een naaste via een derde) in om toegang tot alle vergunde kansspelaanbieders te blokkeren. Een gokstop duurt minimaal zes maanden.
- AGOG (Anonieme Gokkers en Omgeving Gokkers): www.agog.nl, lotgenotencontact en zelfhulpgroepen voor gokkers én hun omgeving, door het hele land.
- Jellinek: www.jellinek.nl/hulp-bij/gokken/, telefoon: 088 505 1220 (werkdagen 13:00-17:00), ambulante behandeling en online begeleiding bij gokverslaving.
- 113 Zelfmoordpreventie: www.113.nl, bel 113 of 0800 0113 (gratis, 24/7), voor iedereen die door gokproblemen in een crisis terechtkomt of wanhopige gedachten heeft.
Veelgestelde vragen over vijf jaar online gokken in Nederland
Geschreven door
Cedrick Verleg, LL.B.
Jurist bij XY Legal Solutions
Op 1 oktober 2021 opende de legale online kansspelmarkt in Nederland haar deuren. De belofte was helder. Door een aantrekkelijk vergund aanbod te creëren, zouden spelers worden weggeleid van de ongereguleerde markt. Bovendien zou spelersbescherming afdwingbaar worden en zouden de tot dan toe misgelopen belastinginkomsten eindelijk in de staatskas vloeien. Vijf jaar later, op 1 oktober 2026, verlopen die eerste vergunningen. De eerste vergunde aanbieders worden opnieuw beoordeeld, de wetgeving staat in de steigers voor grondige herziening en de illegale markt is, ondanks alle inspanningen, in omvang eerder gegroeid dan gekrompen. In dit artikel van Juristenblog.nl maken we de balans op: wat werkte, wat schoot tekort en wat staat er nu op het spel?
De opening in 2021: Nederland kiest voor regulering boven verbod
Vóór 1 oktober 2021 speelde naar schatting een miljoen Nederlanders online kansspelen bij buitenlandse, onvergunde aanbieders. Een wettelijk verbod bleek in de praktijk nauwelijks handhaafbaar: partijen waren offshore gevestigd, buiten het bereik van Nederlandse toezichthouders, en bleven actief ondanks boetes van de Kansspelautoriteit. De wetgever koos daarom voor een andere strategie, namelijk kanalisatie: door een aantrekkelijk, transparant en goed gereguleerd aanbod te bieden, zouden spelers vanzelf kiezen voor vergunde aanbieders waar beschermingsregels wél gelden. Op 30 september 2021 verleende de Kansspelautoriteit (Ksa) de eerste tien vergunningen. Aanvragen kwamen van zowel internationaal ervaren aanbieders als Nederlandse partijen met een achtergrond in fysieke kansspelen.
De toelatingseisen waren streng. Vergunde aanbieders zijn namelijk verplicht het Centraal Register Uitsluiting Kansspelen (CRUKS) te raadplegen vóór elke deelname, een verslavingspreventiebeleid te voeren, de identiteit van spelers te controleren en speellimieten te hanteren. Daarmee onderscheidde het Nederlandse stelsel zich van de meeste buitenlandse aanbieders waarop spelers vóór 2021 waren aangewezen: vrijwel geen van die platforms had enige verplichting jegens Nederlandse spelers.
Twee van de tien oorspronkelijke vergunninghouders, namelijk LiveScore Bet en Tombola, verlieten de markt op eigen verzoek in december 2024. De overige acht bereidden zich voor op de tweede vergunningsronde. In de zomer van 2026 ontvingen alle acht een nieuwe vijfjaarsvergunning voor de periode 2026-2031: TOTO Online, Holland Casino Online, Fair Play Online, Kansino, Bingoal, bet365, GGPoker en BetCity.
Wat is de Wet Kansspelen op Afstand (Wet KOA)?
De Wet Kansspelen op Afstand trad op 1 april 2021 formeel in werking. Op 1 oktober 2021 ging de markt daadwerkelijk open: de Kansspelautoriteit verleende de eerste vergunningen en aanbieders mochten starten. De wet verplicht aanbieders onder meer tot raadpleging van CRUKS, het voeren van een zorgplichtbeleid, het hanteren van speellimieten en het naleven van reclameregels. Vergunningen worden verleend door de Kansspelautoriteit voor een maximale duur van vijf jaar. Na afloop moet een aanbieder een volledig nieuwe aanvraag indienen, automatische verlenging bestaat niet.
| Datum | Mijlpaal |
|---|---|
| 1 oktober 2021 | Opening legale online gokmarkt; eerste tien vergunningen verleend |
| 1 juli 2023 | Fase 1 Besluit Orka: verbod op tv-, radio- en buitenreclame door vergunde aanbieders |
| 1 juli 2024 | Fase 2 Besluit Orka: verbod op sponsoring van evenementen en televisieprogramma’s |
| 1 oktober 2024 | Regeling speellimieten en bewuster speelgedrag en Beleidsregel verantwoord spelen 2024 in werking; verplicht contactmoment bij stortingslimiet boven €350/maand (24+) of €150/maand (18-23); nettostortingsgrens van €700/maand (24+) en €300/maand (18-23) |
| 5 november 2024 | Evaluatie Wet KOA (Dialogic/WODC) aangeboden aan de Tweede Kamer |
| 1 januari 2025 | Kansspelbelasting verhoogd van 30,5% naar 34,2% |
| 14 februari 2025 | Beleidsvisie Struycken: 13 maatregelen voorgesteld, waaronder leeftijdsgrens 21 jaar |
| 1 juli 2025 | Fase 3 Besluit Orka: volledig verbod sportsponsoring door vergunde aanbieders |
| 1 januari 2026 | Kansspelbelasting verhoogd naar 37,8% |
| 1 oktober 2026 | Eerste KOA-vergunningen verlopen; start tweede vergunningsperiode |
De markt in cijfers: vijf jaar groei, krimp en stabilisatie
De eerste resultaten na de opening in oktober 2021 waren beter dan verwacht. Al in het vierde kwartaal van dat jaar bedroeg het brutospelresultaat (BSR) van vergunde aanbieders €186 miljoen. In 2022 groeide de markt snel door naar ruim €1 miljard op jaarbasis, gevoed door een grote groep spelers die eerder illegaal of helemaal niet speelde maar nu bij een vergunde aanbieder terechtkwam. Die snelle opbouw bewees dat de kanalisatielogica werkte: zodra een legaal aanbod beschikbaar was, kozen spelers er massaal voor.
Die vroege succesperiode verdient bovendien nuancering. De kanalisatiegraad bereikte in 2022 namelijk ruim 80 procent, waarmee het driejaardoel van de Kansspelautoriteit ruimschoots werd overtroffen. Vergunde aanbieders droegen via de kansspelbelasting substantiële belastinginkomsten af aan de staatskas, belastinginkomsten die vóór 2021 volledig buiten beeld bleven. Tegelijkertijd gold dat de opbouwfase gepaard ging met intensieve marketing en brede bekendheid, omstandigheden die later tot aanscherping van reclameregels leidden.
Groei en het effect van nieuwe beschermingsregels (2022-2024)
In 2023 groeide het BSR met 28 procent door naar €1,39 miljard. In 2024 vlakte die ontwikkeling namelijk af: de stijging bedroeg nog slechts 8 procent. De stortingslimieten die in oktober 2024 werden ingevoerd droegen duidelijk aan die afremming bij. Sindsdien geldt bij vergunninghouders een maximum van €700 netto per kalendermaand, met lagere grenzen voor jongvolwassenen. Tegelijk daalde het gemiddelde maandverlies per speler van €160 in het eerste halfjaar van 2024 naar €117 in het eerste halfjaar van 2025. Het aantal actieve spelersaccounts nam ondertussen toe van 1,29 miljoen per maand in H1 2025 naar 1,38 miljoen in H2 2025. Dat wijst erop dat het speelgedrag per account afnam, zonder dat spelers op grote schaal volledig stopten.
| Periode | BSR (circa) | Ontwikkeling |
|---|---|---|
| Q4 2021 | €186 mln | Opening markt |
| 2022 | €1,08 mrd | Eerste vol jaar |
| 2023 | €1,39 mrd | +28% |
| 2024 | circa €1,5 mrd | +8% |
| 2025 | circa €1,2 mrd | -18,5% |
| H1 2025 | €600 mln | Illegale BSR overtreft legale |
| H2 2025 | €602 mln | Markt stabiliseert |
Omslag: krimp op de legale markt, groei elders (2025-2026)
In 2025 kromp de legale markt met 18,5 procent. Striktere stortingslimieten drukten het BSR, terwijl vergunninghouders tegelijkertijd met een fors hogere kansspelbelasting werden geconfronteerd. Niet alle verdwenen spelersactiviteit betekende dat er minder werd gegokt: een deel verschoof naar aanbieders zonder vergunning. In de eerste helft van 2025 werd dat al zichtbaar. De illegale brutospelomzet (€617 miljoen) oversteeg voor het eerst de legale (€600 miljoen). Wie bij een illegale aanbieder speelt, valt daarmee buiten de Nederlandse regels voor spelersbescherming. De Kansspelautoriteit noemde dat een zorgelijke ontwikkeling, omdat spelers op de illegale markt veel minder goed worden beschermd.
Daarbij is het essentieel onderscheid te maken tussen twee verschillende maatstaven voor kanalisatie: in termen van spelers en in termen van geld. Gemeten naar het aantal spelers blijft de kanalisatiegraad opmerkelijk hoog: 91 tot 95 procent van de Nederlanders die online kansspelen beoefent, doet dat uitsluitend of voornamelijk bij vergunde aanbieders. Gemeten naar het brutospelresultaat (BSR) ligt de kanalisatiegraad beduidend lager. De voorjaarsmonitoringsrapportage 2026 van de Kansspelautoriteit stelt de BSR-kanalisatiegraad na correctie namelijk op 53 procent, een langzaam dalende trend. Dat verschil is geen toeval. Illegale spelers lijden immers gemiddeld aanzienlijk hogere verliezen dan legale spelers. Het zijn er in aantallen weinig, maar zij vertegenwoordigen een disproportioneel groot deel van het totale geldvolume. De brede massa van Nederlandse gokkers kiest legaal, maar spelers met de hoogste inzetten wijken vaker uit naar het ongereguleerde circuit waar geen stortingslimieten gelden, geen draagkrachttoetsen worden gedaan en bijvoorbeeld betaald kan worden met crypto.
Binnen de vergunde markt stabiliseerde de situatie in de tweede helft van 2025. Het BSR bedroeg €602 miljoen, vrijwel gelijk aan de €600 miljoen van het eerste halfjaar. Het aantal actieve spelersaccounts steeg wel: van gemiddeld 1,29 miljoen per maand in H1 2025 naar 1,38 miljoen in H2 2025. Dat de accounts toenamen terwijl het BSR stabiel bleef, wijst er mogelijk op dat een deel van de spelers meer accounts is gaan gebruiken om de stortingslimiet per account te omzeilen. Daarmee is de markt weliswaar kleiner dan op het hoogtepunt, maar ook stabieler.
Voor individuele spelers laat de rapportageperiode een lichte stijging zien van het gemiddelde maandverlies: van €117 in het eerste halfjaar van 2025 naar €124 in het tweede halfjaar. Dat is nog altijd lager dan de €160 van vóór de invoering van de nieuwe beschermingsmaatregelen in oktober 2024. Per spelersaccount lag het gemiddelde verlies in H2 2025 namelijk op €73 per maand, met een mediaan van €47, wat aangeeft dat een kleine groep spelers met hoge verliezen het gemiddelde omhoogtrekken. Die concentratie is door de stortingslimieten wel afgenomen ten opzichte van eerdere jaren.
Spelersbescherming: wat werkt en waar schoot het tekort
Spelersbescherming was de centrale belofte van de Wet KOA. Het stelsel rust daarvoor op drie pijlers: het CRUKS-uitsluitingsregister, de individuele zorgplicht van aanbieders en de speellimietenregulering. In november 2024 publiceerde onderzoeksbureau Dialogic in opdracht van het WODC een 198 pagina’s tellende evaluatie, aangeboden aan de Tweede Kamer als Kamerstuk 24557, nr. 244. De algemene conclusie was dat de Wet KOA heeft geleid tot een betrouwbaarder aanbod en meer controlemogelijkheden dan vóór 2021, maar dat de bescherming van spelers op onderdelen nog onvoldoende is uitgewerkt.
CRUKS en vroege interventie: een werkend fundament
CRUKS geldt als het meest effectieve onderdeel van het beschermingsstelsel. Vergunde aanbieders zijn wettelijk verplicht het register te raadplegen vóór elke deelname, en het systeem geldt voor zowel online als fysieke kansspelen. Het totale aantal geregistreerden bereikte op 30 januari 2026 de grens van 111.534, terwijl de netto groei stabiel blijft op gemiddeld 2.000 nieuwe inschrijvingen per maand. Bovendien dienden vergunninghouders in H2 2025 aanzienlijk meer kennisgevingen in voor onvrijwillige CRUKS-registraties dan in voorgaande perioden, waarschijnlijk omdat de Ksa hen hierop nadrukkelijk heeft aangesproken. Toch zijn er grenzen aan wat vroege interventie via aanbieders kan bereiken. Uit een onderzoek van de Kansspelautoriteit naar de zorgplichtpraktijk bleek dat vijf van de zes onderzochte vergunde aanbieders weinig respons kregen op uitnodigingen voor een persoonlijk gesprek met spelers die risicovolle gedragspatronen vertoonden. De drie aanbieders die een percentage konden noemen, meldden een responspercentage van slechts 15 tot 30 procent. De evaluatie concludeerde daarbij dat de zorgplicht volledig bij commerciële partijen neerleggen inherent een spanning oplevert: aanbieders hebben er commercieel belang bij dat spelers actief blijven, terwijl de zorgplicht soms vraagt dat zij actief ingrijpen. De evaluatie beveelt aan te onderzoeken hoe onafhankelijke expertise structureel in de zorgplichtuitvoering kan worden ingebracht.
Kwetsbare groepen: jongvolwassenen en minderjarigen
Jongvolwassenen van 18 tot 23 jaar vormen een bijzondere aandachtsgroep. In de tweede helft van 2025 waren zij verantwoordelijk voor 10,2 procent van het totale BSR, goed voor €61 miljoen. Zij bezitten bovendien 22 procent van alle actieve spelersaccounts, terwijl hun aandeel in de volwassen bevolking slechts 9,3 procent bedraagt. Tegelijk verloren zij per account gemiddeld €34 per maand, ruim de helft minder dan de €73 die oudere spelers per account verloren. Uit verslavingszorgcijfers van het Landelijk Alcohol en Drugs Informatie Systeem (LADIS) blijkt dat in 2024 in totaal 2.708 mensen voor gokproblematiek werden behandeld, ruim 10 procent meer dan de 2.456 in 2023, zo bevestigt het jaarlijks overzicht van onderzoek naar gokken van het Trimbos-instituut.
Aanvullend bleek uit een meting van het WODC naar deelname aan kansspelen in 2025 dat onder 16- en 17-jarigen het aandeel dat online aan kansspelen deelnam gestegen was van 12 naar 20 procent, terwijl legale deelname voor hen wettelijk niet mogelijk is. Dit samen met het percentage aan speelaccounts van jongvolwassenen was mede aanleiding voor staatssecretaris Struycken om in zijn beleidsvisie van februari 2025 een verhoging van de minimumleeftijd voor risicovolle kansspelen naar 21 jaar voor te stellen.
De rapportage laat ook een genuanceerder beeld zien van het risicoprofiel van jongvolwassenen. Zij spelen per account gemiddeld op minder dagen per maand (4 dagen vs. 5,8 voor oudere spelers) en hun verliezen zijn gelijkmatiger verdeeld: het mediane verlies van €33 per account ligt dicht bij het gemiddelde van €34, wat betekent dat extreme verliezen bij jongvolwassenen minder voorkomen dan bij de totale spelerspopulatie.
Het Besluit Orka: gokreclame stap voor stap verboden
Het Besluit Ongerichte Reclame Kansspelen op Afstand, kortweg Besluit Orka, voerde een gefaseerd verbod in op reclame door vergunde online kansspelaanbieders. Fase 1 trad op 1 juli 2023 in werking en verbood ongerichte reclame op televisie, radio en in de openbare ruimte. Fase 2 volgde op 1 juli 2024 en breidde dat uit naar sponsoring van evenementen en televisieprogramma’s. Fase 3, die op 1 juli 2025 in werking trad, voltooide het systeem: vergunde aanbieders mogen sindsdien geen sportclubs, sportwedstrijden of individuele sporters meer sponsoren. Bestaande contracten die vóór 1 juli 2023 waren gesloten, maakten gebruik van een overgangsperiode die eveneens op 1 juli 2025 definitief afliep.
Opmerkelijk is dat het verbod uitsluitend van toepassing is op vergunde aanbieders van kansspelen op afstand. Loterijen zoals Eurojackpot en de Vriendenloterij vallen buiten de reikwijdte van het Orka-besluit, omdat zij wettelijk als laag-risicoaanbod worden aangemerkt. Dat leidt tot een zichtbaar ongelijk speelveld: grote loterijen mogen doorgaan met brede sponsoring, terwijl vergunde online aanbieders volledig uit het sportlandschap zijn geweerd. In landen als België, Duitsland en Engeland geldt bovendien nog steeds dat online gokbedrijven sportcompetities mogen sponsoren, wat een Europees ongelijk speelveld creëert.
Het politieke debat over gokreclame hield ook na de invoering van fase 3 aan. Een motie van Kamerlid Boswijk (CDA) om een totaalverbod op alle gokreclame in te voeren haalde in februari 2025 geen meerderheid: het voorstel vergaarde 70 van de 150 stemmen. Zijn opvolgster als beleidsverantwoordelijk staatssecretaris, Claudia van Bruggen, kondigde in juni 2026 toch aan te werken aan een stelsel waarbij alle reclame voor kansspelen standaard verboden is, tenzij nadrukkelijk toegestaan. Daarbinnen zouden nog twee uitzonderingen gelden voor vergunde aanbieders in gerichte omgevingen, zodat spelers die actief zoeken naar legaal aanbod dat aanbod ook kunnen onderscheiden van het illegale circuit. Begin 2026 publiceerde de Kansspelautoriteit ook een nieuwe leidraad om vergunninghouders duidelijkheid te geven over de interpretatie van het bestaande reclameverbod in grensgevallen.
Handhaving door de Kansspelautoriteit
De handhaving door de Kansspelautoriteit is de afgelopen vijf jaar aanzienlijk in schaal en intensiteit toegenomen. Het aantal sanctiebesluiten steeg, de boetebedragen namen daarmee toe en de Ksa ontwikkelde zich tot een toezichthouder die zowel vergunde als onvergunde partijen actief controleert. De totale boetes varieerden sterk per jaar, mede afhankelijk van enkele omvangrijke individuele zaken. Onderstaande tabel splitst de sanctietotalen namelijk uit naar vergunde aanbieders enerzijds en onvergunde, illegale partijen anderzijds: een onderscheid dat essentieel is om de handhavingspraktijk goed te lezen.
| Jaar | Vergunde aanbieders | Illegale aanbieders | Totaal |
|---|---|---|---|
| 2021 | n.b. | ~€2,2 mln | ~€2,2 mln |
| 2022 | n.b. | n.b.* | n.b.* |
| 2023 | ~€6,7 mln | ~€29,4 mln | ~€36,1 mln |
| 2024 | ~€0,8 mln | ~€20 mln | ~€20,8 mln |
| 2025 | €8,6 mln | €31,2 mln | €39,8 mln |
| 2026 (t/m jul) | ~€1,4 mln | ~€34,2 mln | ~€35,6 mln |
* De Ksa legde in december 2022 ruim €26 miljoen aan boetes op aan vijf illegale aanbieders. Deze besluiten werden conform Ksa-beleid pas in het voorjaar van 2023 openbaar gemaakt en tellen daarmee mee in de publicatiejaarcijfers van 2023. Bedragen voor vergunde aanbieders in 2022 zijn niet afzonderlijk gepubliceerd. Cijfers 2025 zijn afkomstig uit het officiële jaarverslag van de Kansspelautoriteit; overige jaren zijn gebaseerd op gepubliceerde sanctiebesluiten.
Bedragen zijn afgerond op basis van gepubliceerde sanctiebesluiten van de Kansspelautoriteit. Jaarcijfers zijn immers inclusief lasten onder dwangsom en bestuurlijke boetes. n.b. = niet beschikbaar als afzonderlijk gepubliceerd bedrag voor die categorie.
Toezicht op vergunde aanbieders: zorgplicht als afdwingbare norm
De Kansspelautoriteit intensiveerde het toezicht op de zorgplicht van vergunde aanbieders. Twee zaken springen eruit vanwege hun omvang en precedentwerking. In december 2025 legde de Ksa een recordboete van €4 miljoen op aan Unibet wegens structurele tekortkomingen in de zorgplicht over de periode juli 2022 tot juli 2024. Eerder, in oktober 2025, ontving BetCity een boete van €2,65 miljoen voor onvoldoende bescherming van jongvolwassenen in de beginjaren van de markt. Beide sancties betroffen overtredingen die zijn begaan in een periode dat de zorgplichtnormen nog in ontwikkeling waren, wat de precedentwerking des te relevanter maakt voor de huidige markt. De BRVKOA 2026 bepaalt namelijk uitdrukkelijk dat eerdere overtredingen bij de herbeoordeling voor een nieuwe vergunning worden meegewogen, ook als een beroepsprocedure nog loopt, een juridisch patroon dat al na drie jaar legalisering zichtbaar was in de sanctiepraktijk van de Ksa.
Aanpak van illegale aanbieders: hoge boetes, lage inning
Illegale aanbieders die zonder vergunning actief zijn op de Nederlandse markt, die geen leeftijdscontroles uitvoeren en geen enkele beschermingsregel naleven, ontvingen de afgelopen jaren de zwaarste boetes. In februari 2024 legde de Ksa bijna €20 miljoen op aan Gammix Limited wegens het actief benaderen van Nederlandse spelers zonder vergunning en zonder enige leeftijdsverificatie. In maart 2026 volgde een boete van €24,8 miljoen aan Novatech Solutions voor de platforms Qbet en 55Bet, en in juni 2026 een boete van €3,08 miljoen aan Chestoption voor het platform Vave.com. Dertien affiliates die reclame maakten voor onvergunde kansspelen kregen bovendien lasten onder dwangsom opgelegd. Drie partijen achter het platform CasinoScout ontvingen elk een last onder dwangsom van €75.000 per week bij voortduring van de overtreding.
Het structurele probleem bij de handhaving van illegale aanbieders is de inning. Van de circa €56 miljoen aan boetes die de Ksa in vier jaar oplegde aan onvergunde partijen, werd minder dan €1,5 miljoen daadwerkelijk geïnd. De meeste beboete partijen zijn namelijk gevestigd in jurisdicties buiten de Europese Unie, waar Nederlandse handhavingsbevoegdheden niet gelden/niet effectief zijn en bedrijven zich makkelijk kunnen verschuilen.
De Kansspelautoriteit erkent dit handhavingstekort en werkt daarom aan intensievere samenwerking met Europese toezichthouders en Europol. Staatssecretaris Van Bruggen kondigde daarbij aan de normadressaat van de Wet op de kansspelen te willen uitbreiden, zodat ook tussenpartijen in de reclameketen, zoals marketingbedrijven en advertentieplatforms, direct kunnen worden aangesproken. Dat zou het namelijk mogelijk maken om illegale operators ook via hun Nederlandse verdienmodel te treffen, ook wanneer de operator zelf offshore buiten bereik blijft.
De kansspelbelasting: fiscale druk met onbedoeld effect
De kansspelbelasting werd in twee stappen verhoogd: van 30,5 procent naar 34,2 procent per 1 januari 2025, en vervolgens naar 37,8 procent per 1 januari 2026. De verwachte meeropbrengst bedroeg circa €202 miljoen per jaar. De daadwerkelijke uitkomst in 2025 was echter dat de belastingopbrengst met circa €43,5 miljoen lager uitviel dan in 2024, in plaats van hoger. Een administratieve verschuiving van €95 miljoen vanwege inningsvertragingen verhoogde de beraming voor 2026 weliswaar op papier, maar die eenmalige correctie verandert niets aan het feit dat de belastingopbrengst in 2025 lager uitviel dan in 2024, zoals het ministerie van Financiën in juni 2026 aan de Kamer rapporteerde.
Het mechanisme achter dat resultaat is niet moeilijk te verklaren. Een hogere belasting op het brutospelresultaat verlaagt de theoretische uitkeringspercentages van vergunde aanbieders, waardoor hun aanbod financieel minder aantrekkelijk wordt ten opzichte van illegale platforms die geen belasting afdragen en daardoor hogere uitkeringen kunnen bieden. Een deel van de spelers die vertrok bij vergunde aanbieders belandde daarmee precies in het circuit dat de wetgever juist wilde uitbannen. Staatssecretaris Heijnen hield in 2025 vast aan de doorvoering van de tweede belastingverhoging: terugdraaien zou de staatskas €84 miljoen kosten, een positie die hij ondanks de tegenvallende belastingopbrengst handhaafde. De vraag of een bevriezing of verlaging van het tarief alsnog aan de orde komt, wordt verder uitgewerkt in dit artikel.
Op Prinsjesdag 15 september 2026 presenteerde het kabinet het Belastingplan 2027. Een verdere verhoging van de kansspelbelasting maakt daar geen deel van uit. De evaluatie van de eerder doorgevoerde verhogingen was voor het derde kwartaal van 2026 toegezegd en zal richtinggevend zijn voor de besluitvorming over het belastingtarief in 2027 en de jaren daarna. In de Tweede Kamer loopt daarnaast een debat over tariefsdifferentiatie in de kansspelbelasting: een lager tarief voor laag-risicokansspelen en een hoger tarief voor hoog-risicovormen zou de fiscale structuur beter kunnen laten aansluiten bij de doelstellingen van het kansspelbeleid. Ook de Eerste Kamer stelde in juni 2026 gerichte vragen over de werking van de speellimieten en de reikwijdte van het reclameverbod.
De illegale markt: een sector die bewust buiten toezicht opereert
Illegale aanbieders die actief zijn op de Nederlandse markt doen dat bewust en structureel zonder vergunning, zonder leeftijdscontroles, zonder CRUKS-raadpleging en zonder enige verplichting tot spelersbescherming. Ze bereiken Nederlandse consumenten via meerdere kanalen tegelijk. Denk aan iDEAL-betalingsmogelijkheden die een schijn van legaliteit wekken, app-pushnotificaties die dagelijks worden verstuurd aan gebruikers van gedownloade apps en influencer-netwerken die zich via social media richten op jonge doelgroepen. Waar een vergunde aanbieder verplicht is een speler met risicovolle gedragspatronen te benaderen voor een beschermingsgesprek, negeren illegale platforms dergelijke signalen doelbewust. Er is namelijk geen toezichthouder die hen daartoe verplicht.
De omvang van het probleem overstijgt de Nederlandse markt ruimschoots. Uit een studie van Gambling Compliance International, gepresenteerd tijdens een rondetafelgesprek in het Europees Parlement op 2 juli 2026, bleek dat meer dan 6.200 illegale operators actief Europese spelers benaderen. Hun gecombineerde brutospelomzet bedroeg in 2025 circa €91,6 miljard, een stijging van circa 14 procent ten opzichte van het jaar ervoor. De EU-lidstaten lopen daardoor jaarlijks circa €22,9 miljard aan belastinginkomsten mis. Op nationaal niveau constateerde de Kansspelautoriteit dat spelers op illegale platforms werkelijk geen enkele bescherming genieten. Er zijn namelijk geen limieten, geen uitsluitingsmogelijkheden, geen verificatie van de eerlijkheid van spellen en geen meldplicht bij problematisch gedrag. De Nationaal Rapporteur Verslavingen bepleitte bij het Kamerdebat over illegale goksites een bredere en langdurigere overheidsinzet, vergelijkbaar met de decennialange aanpak van tabaks- en alcoholgebruik.
Een bijzonder kwalijk onderdeel van het illegale verdienmodel is daarbij de rol van illegale affiliatienetwerken: websites en influencers die bewust Nederlandse spelers doorverwijzen naar onvergunde platforms, vaak via misleidende vergelijkingssites of aanbiedingen die op vergunde aanbieders lijken. Staatssecretaris Van Bruggen kondigde aan de wet zo te willen aanpassen dat ook affiliates en advertentieplatforms direct aansprakelijk gesteld kunnen worden, los van de operator die het onvergunde aanbod exploiteert. Daarmee zou de handhaving eveneens doorwerken in het Nederlandse deel van de verdienmodel-keten van illegale operators, ook als de operator zelf offshore buiten bereik blijft.
Daarbij is een belangrijk onderscheid te maken tussen illegale affiliatie en legale vindbaarheid. In haar Kamerbrief van 12 juni 2026 over de richtinggevende keuzes rond kansspelen op afstand zonderde Van Bruggen expliciet twee situaties uit van het aangekondigde reclameverbod: vergunde aanbieders mogen reclame blijven maken op hun eigen website, en zij mogen zichtbaar blijven in zoekresultaten bij expliciete zoekopdrachten naar online kansspelen. Hierin wordt legale affiliatie expliciet genoemd als middel om de illegale zoekresultaten tegen te gaan. Die uitzondering is bewust en gemotiveerd. Een volledig verbod zonder deze uitzondering zou averechts werken: spelers die actief zoeken naar een vergund gokplatform zouden bij afwezigheid van legale aanbieders in de zoekresultaten automatisch uitwijken naar het ongereguleerde aanbod. Legale affiliatie ten behoeve van vindbaarheid is daarmee een kanalisatie-instrument, geen omzeiling van het reclamebeleid. Het onderscheid zit in de intentie en de bestemming van het verkeer, naar vergunde aanbieders sturen is beleid, naar onvergunde aanbieders sturen is overtreding.
De balans na vijf jaar en wat nu op het spel staat
Vijf jaar online gokken Nederland heeft onmiskenbaar iets opgeleverd. Er bestaat voor het eerst een gecontroleerd, transparant legaal aanbod waar spelers wettelijk aanspraken kunnen ontlenen aan bescherming. CRUKS functioneert als uitsluitingsinstrument en wordt maandelijks actiever gebruikt. Vergunde aanbieders worden gecontroleerd op zorgplicht, anti-witwasbeleid en reclamenaleving. De kansspelbelasting genereerde miljarden voor de staatskas die vóór 2021 volledig buiten het zicht van de overheid bleven. En het feit dat alle acht overgebleven aanbieders inmiddels een nieuwe vijfjaarsvergunning hebben ontvangen, toont dat een stabiele, gereguleerde markt voor de lange termijn haalbaar is, op voorwaarde dat aanbieders aan de gestelde eisen blijven voldoen. Wie wil weten welke aanbieders een geldige vergunning hebben en hoe zij zich onderscheiden van onvergunde aanbieders die illegaal op de Nederlandse markt actief zijn, vindt dat antwoord overigens op Juristenblog.
Tegelijkertijd zijn er onderdelen van het beleid die hun doelstelling (nog) niet bereikt hebben. De canalisatiedoelstelling is na vijf jaar niet duurzaam gehaald: in de eerste helft van 2026 was de illegale markt in termen van uitgave zelfs groter dan de legale. De Dialogic-evaluatie concludeerde dat de zorgplicht, zoals oorspronkelijk ingericht, de structurele spanning tussen commercieel belang en spelersbescherming onvoldoende wegneemt. En de verhogingen van de kansspelbelasting hadden een averechts fiscaal effect. Dat zijn echter geen argumenten tégen regulering, maar voor een scherpere, effectievere en consistentere invulling van het bestaande stelsel. Immers, het alternatief voor een goed werkend vergund aanbod is niet geen gokken, maar gokken op illegale platforms zonder enige bescherming.
De aankomende wetsherziening biedt daarvoor ruimte. Staatssecretaris Van Bruggen werkt aan een pakket van dertien maatregelen. De meest ingrijpende zijn: een minimumleeftijd van 21 jaar voor risicovolle kansspelen, een centrale stortingslimiet per speler over alle aanbieders heen en een nagenoeg totaalverbod op online gokreclame. Bovendien krijgt de Kansspelautoriteit uitgebreidere handhavingsbevoegdheden, ook richting schakels in de reclameketen zoals marketingbedrijven en platforms. Of die maatregelen het gewenste evenwicht brengen tussen een aantrekkelijk legaal aanbod en effectieve spelersbescherming, zal de komende vijf jaar moeten uitwijzen.
Hulp nodig bij gokproblemen voor jezelf of voor een ander? Neem dan contact op met één van de onderstaande organisaties:
- OpenOverGokken: www.openovergokken.nl, 24/7 bereikbaar voor informatie, advies en hulp bij gokproblemen — ook voor familie en naasten. OpenOverGokken is het officiële platform van de Kansspelautoriteit en verving in september 2025 Loket Kansspel.
- CRUKS, gokstop aanvragen: www.cruksregister.nl, schrijf jezelf (of een naaste via een derde) in om toegang tot alle vergunde kansspelaanbieders te blokkeren. Een gokstop duurt minimaal zes maanden.
- AGOG (Anonieme Gokkers en Omgeving Gokkers): www.agog.nl, lotgenotencontact en zelfhulpgroepen voor gokkers én hun omgeving, door het hele land.
- Jellinek: www.jellinek.nl/hulp-bij/gokken/, telefoon: 088 505 1220 (werkdagen 13:00-17:00), ambulante behandeling en online begeleiding bij gokverslaving.
- 113 Zelfmoordpreventie: www.113.nl, bel 113 of 0800 0113 (gratis, 24/7), voor iedereen die door gokproblemen in een crisis terechtkomt of wanhopige gedachten heeft.
Veelgestelde vragen over vijf jaar online gokken in Nederland
Geschreven door Cedrick Verleg, LL.B. - Jurist bij XY Legal Solutions
Over Juristenblog.nl
Het team van Juristenblog.nl bestaat uit ervaren juristen. Wekelijks wordt onderzoek gedaan naar interessante onderwerpen waarover geschreven kan worden. Vervolgens schrijft de jurist met de meeste kennis van het onderwerp de betreffende blog. Op deze manier blijft ons concept up-to-date en relevant.
Gerelateerde berichten
Schrijf je in & Blijf op de hoogte
Laat hieronder je e-mailadres achter en ontvang elke maandagochtend een overzicht van de meest recente berichten die op juristenblog.nl zijn verschenen.
We spammen niet. Je kunt je op ieder moment uitschrijven.






